Bijzondere Achternamen
'Digitaal Erfgoed'

Ongunstig?

 


Toch wel raar - Naamsverandering - De Vervelende Lijst - Duits - Frans - Engels - Leuk bij de buren - Ongunstig light - Benno Baksteenlijst - Bargoens en straattaal


Toch wel raar

Sommige namen kunnen worden ervaren als onwelvoeglijk. Je zit er aan vast, maar de Staat biedt hulp bij het veranderen van door de drager als ‘bespottelijk of ongepast’ ervaren namen. Er zijn echter strenge voorwaarden en de kosten bedragen € 835 tot 1.670, te voldoen bij de aanvraag en niet terug te betalen bij een weigering van het verzoek. ‘Screeningsautoriteit’ Justis van het Ministerie van Justitie en Veiligheid geeft online als toegelaten voorbeelden Poepjes, Niks en oogarts Blind. Het aantal goedgekeurde aanvragen nam de laatste jaren toe van 1.269 in 2012 tot 2.057 in 2018. Mogelijk door kinderen door vechtscheidingen of bij een besmette naam door een voor een misdrijf veroordeelde naamgever, want veel veranderingen zijn naar de moedersnaam. Ook bij incest moet de dader zijn veroordeeld. 


Okee, plus fantasie-combinaties als chirurg Snijdoodt, tandarts Boor, opticien Schele, groenteboer Rot, autodealer Pech, verhuizer de Breker, wasserij Vlek, aannemer Sukkel, journalist Flater, advocaat Sul, boekhouder Roof, huidarts Uitslag en ga zo door. Maar toch. Soms begrijp je niet wat de vereerde voorouderlijke naamgevers bezielde – of gooiden ze in 1811 de kont tegen de krib? Zo van wij hoeven geen achternaam en al helemaal niet omdat de keizer ons dan registreert en onze zonen op Europese slagvelden laat afslachten. Smerige Franse dictator-streken!

Er is ook de familie Tdohlreg, ontstaan door het omdraaien van Gerolt, de Nederlandse stamvader die zijn Indokind wel erkende, maar wel met een andere achternaam.


Als levend voorbeeld nog de verwarrende naam AB (61 personen), in andere takken A B (10) en A.B. (37). Het Meertens denkt hier aan protestopgaven in 1811 van de eerste letter van een voornaam plus die van een achternaam. Je zult er maar mee blijven zitten en het eeuwig moeten uitleggen... sorry, maar ik zou het wel weten.



Naamsverandering

De huidige wet schrijft toevoegen of verwijderen van enkele letters voor. Zo kende ik in de jaren '50 een meisje Piek dat mij in vertrouwen vertelde dat haar familie vroeger Pik heette. Een geslaagde omzetting: er zijn nu 1.468 Piek's en nog maar 143 Pik's. Minder radikaal ging het toe bij het geslacht Piel. Daarvan waren er in 2007 nog 80 over, tegen Piël met 55. Van Sul nog 55 tegen Silven 40.

Goed gelukt is van Hardebil (nu nog 8) naar Hardebol (nu 83) en van Pies (0) naar Piëst (27). Hetterschijt heeft echter nog 87 naamdragers, tegen Hetterschij maar 11. Geslaagd is weer Pooijer (5) naar Mooijer (380) of van Pooij (28). Ooit hoorde ik over een gezin de Pijper met drie dochters – en deden die er iets aan, vroeg ik - ‘Jazeker, ze trouwden zo vlug mogelijk’. En mijn Carla had een klasgenootje dat Piederiet (53) heette en dat later wilde veranderen in Piéderié, wat niet is gebeurd. Tenzij die laatste naam in 2007 was uitgestorven.


Overigens begrijp ik niet dat iemand die met alle geweld van zijn naam af wil, die niet radicaal mag wijzigen - zolang het geen bestaande naam wordt. Het doet niemand kwaad en het wettelijke reglement riekt naar bevoogding. Dat was niet altijd zo: de als André van Duin bekende cabaretier heette bij zijn geboorte in 1947 Adrie Kloot (nu 185 naamdragers) en zijn vader liet dat gelukkig in Kyvon (20) veranderen. Sinds 1968 heet een familietak Naaktgeboren (met 618 standvastigen) Radenborg (18). Ooit werd Wants (5) creatief vertaald in Zomerplaag (23). Van Geilswijk (60) werd van Gulswijk (0).

Gladpootjes (82) werd een tak van Callinge (5). En de romanschrijver Pannekoek koos na veel boeken als achternaam zijn pseudoniem Langen, waarschijnlijk omdat hij vaak zo werd genoemd. Ooit noemde zich een geslacht Bil (nog florerend met 424) zich Bilius (17). En in 1972 veranderde een opstandig takje Soepnel (49) zich in Subnel (15). Maar nog steeds floreert de multi Hol (o.a. aars) onbeschadigd met 3.396 naamdragers. Nette mensen: de dubbele betekenis interesseert ze niet.

Leendert Brouwer vermeldt omzettingen uit het verleden waarvan het origineel (met #) is uitgestorven: Copin # = Koppijn * Fassbinder # = Vastbinder * Pilgenroth # = Pielkenrood * Wong Lua Hing # = van Wolingen #.  




Als de kennismaking klikt is iemands achternaam plotseling onbelangrijk: je bent alleen voor onbekenden of vijandigen je achternaam. Verder kan de betekenis van woorden nu ongunstiger zijn en dat wisten de oude naamgevers niet. Geneert je familienaam je - je bent er toch aan gehecht, je hoeft je geen twee keer voor te stellen en de dierbare voorouders konden er immers ook mee leven. Veranderen voelt als ontrouw aan je naaste familie, dus so what? Honi soit qui mal y pense.  Ik heb respect voor de dragers van zo'n naam met een vlekje. Ons lijstje is kort maar krachtig – er is al heel wat weggeregeld. Zie ook online 40 Onwelvoeglijke achternamen

De Vervelende Lijst


Aars * Aarsman * van Achteren * Amoraal * Balneger * Balnikker (omzetting van Zwitserse naam) * Beffers * Beffert * Beffie * Berkepies * Bil * ter Bille * Billen * Bloot * Borsten * Bouter * Braak * Braakman (multi) * Braaksma (multi) * Braker * Dolleman * Dood * Doods * Doos * Doosje * Drel * van Drogenbroek * Etter * Fack * Fak * Fielt * Focking * Fokken * Fokking * de Folter * Fukken * Fukker * Fukking * Fukkink * Gatsma * Geil * Geilen * Geilman * Geilvoet * Gerrits bijgenaamd Pik * Griezel * Grotezak * van Gulp * Hardebil * Hetterschijt * Hoer * Hoeren * Hork * Kak * Kakma * Keesmaat * Kinkel * Kloot * Kolder * Komtebedde * Kont * Koppelaar * Krikken * van Kutsem * Kutterik * Kwak * Leep * Lues (een soa) * de Lul * Lijk *

Meuren * Naaktgeboren * Naayen * Naayer * Naaijkens * Nar * Neukermans * Onan (zich aftrekken) * Palen * Peeze * Pestman * Pezer * Piel * Pielage * Pieler * Pielkenrood * Pielman * Piels * Pielstroom * Pieltjes * Pies * Piest * Pik * Pikhaar * Pikkemaat * Pikstra * Plas (multi) * Plassen * Platje * Poepenborg * Poepe * Poepjen * Poepjes * Potjewijd * Pooijer * Prooi * Pijpen * Pijpenbroek * de Pijper * Pijpers * Pijpstra * Rat * van Reet * Riool * Rompies * Rot * Rotte * Rotteveel * Rotman * Rotmensen * Rukkers * Rijstenbil * Sas * Sassen * Scheede * Schendstok * Schenning * Schuin * Simpel (onnozel) * Slap * Smalbil * Slaaf * Slettenhaar * Slettenaar * Soa * Spleet * Spook * Stijve * Sukkel * Tepel * Tiet * Tiethof * Tietjens * Tippel (straathoer) * Trutmans * Uitenbroek * Vuil  * Windgassen * Wip * Wipper * Zak.

Het komt neer op intieme lichaamsfuncties of -verrichtingen en om er aan verbonden scheldwoorden of afleidingen, die als familienaam in het publieke domein vreemd overkomen. 


Maar er zijn ook tragische oorzaken voor een aanvraag, bijv. door een slachtoffer van incest. Dan moet schriftelijk door een onafhankelijke deskundige worden aangetoond dat de verzoeker ernstige psychische en/of fysieke schade lijdt onder de geslachtsnaam.


Bij de naaste buren bestaan ook besmette namen, o.a. van Duitse nazileiders in de vorige eeuw (met een #). Vooral de Engelstaligen doen nergens moeilijk over - je gelooft soms je ogen niet - terwijl de Fransen discreter zijn. Bij de Britten een stiff upper lip : een rare naam - doe of je het niet hoort. Onderzocht of in deze landen naamsverandering moeilijk en/of duur is heb ik niet. Een paar voorbeelden, deels in straattaal en evt. vertaald.


Duits

Blöd (stommeling) * Borrmann # * Dickhaut (dikhuidig) * Dirne (sloerie) * Doof  (imbeciel) * Dummer (dommer) * Eichmann # * Ekel (walging) * Faul (verrot) * Feig (laf) * Feind (vijand) * Feierabend (sluitingstijd) * Ficken (neuken) * Ficker (neuker) * Flau (slap, sloom) * Frech (brutaal) * Fressen (vreten) * Führer # * aus der Fünten # * Geilkopf * Gemein * Göbbels # * Göring # * Graulich (gruwelijk) * Greulich (griezelig) * Grob (grof) * Habenicht (armoedzaaier) * Hass (haat) * Heidrich # *  Henker (beul) * Hess # * Himmler # * Irrgang (dwaalweg) * Ketzer (ketter) * Kitsch * Knebel (knevel) * Kot (stront) * Kotze (kots) * Krach (kabaal) * Krank (ziek) * Kraut (Engelse scheldnaam voor Duitsers in WO II, komt van Sauerkraut = zuurkool) * Krebs (kanker) * Krieg (oorlog) * Kunkel (oud wijf) *

Lages # * Leider (helaas) * Luder (loeder) * Mangel (gebrek) * Männchen (mannetje) * Prasser (losbol) * Proll (proleet) * Puff (bordeel) * Puppe (sletje) * Putz (idioot, kleuter, piemel) * Rauh (grof) * Raus (er uit!) * Rauter # * Rothweiler (fout hondenras) * Sau (zeug) * Schacht # * Schädlich (schadelijk) * Schleimer (kontlikker) * Scheu (schuw) * Schimpf (belediging) * Schlich (rotstreek) * Schlicht (eenvoudig) * Schlimm (slecht) * Schlimmer (slechter) * Schwanz (piemel) * Speer # * Speidel # * Spitzel (spion) * Streicher # * Stumm (stom-niet sprekend) * Stur (koppig) * Sünder (zondaar) * Teufel (duivel) * Tod (dood) * Troll (gemeen skandinavisch dwergwezen) * Ungemach (bezoeking) * Unkraut (onkruid) * Windig (onbetrouwbaar) * Zuhälter (pooier) * Zwang (dwang).


Frans

Alphonse /Barbeau/Baudet (pooier) * Baiser (kussen/neuken ) * Boche (mof/nazi) * Bordel (bordeel) * Caca (poep) * Chanteur (afperser) * Chatte (kutje) * Cocu, le Cornu (bedrogen bedpartner) * Con (oerstom) * Fauve (wild dier) * Folie (krankzinnigheid) * Fric (geld) * Haine (haat) * Harlequin (clown) * Louche (onbetrouwbaar) * Malade (ziek) * Malcontent (ontevreden) * Malcorps (mismaakt ) * Merde (stront/gvd!) * Mineur (minderjarige) * Mordant (schamper) * Mouche (vlieg) * Nana (straatmeid) * Nue (naakt) * Panne (pech) * Pique (ruzie) * Rude (ruw) * Sauvage (wildeman) * Triste (bedroefd) * Vilain (lelijkerd) * Zizi (piemel) * Zut (potdorie!) .


Engels

Anal (anale seks) * Anger (woede) * Arsenic (rattengif) * Bang (neuken) * Barb (rotopmerking) * Barf (braaksel) * Basher (ruziezoeker) * Beaver (vrouwelijk schaamhaar) * Beggar (bedelaar) * Bimbo (dom blondje) * Bladder (blaas) * Blunt (afgestompt) * Bogus (verzinsel) * Bollock (testikel) * Boner (stijve) * Booty (sexy billen) * Brat (kleuter) * Brute (bruut) * Buff (naakt) * Bum, Butt (kont) * Bunk, Bull (nepnieuws) * Bust (boezem) * Buster (gozer) * Can (wc, gevangenis) * Carrion (kadaver) * Cherry (kers, maagdenvlies) * Chick (mokkeltje) * Cock/Dick/Dong/Prick (piemel) * Coffin (doodskist) * Common (ordinair) * Copper (politieagent) * Coward (lafaard) * Craven (laf) * Cronk (lelijkerd) * Crook (crimineel) * Crude (grof) * Cruel (wreed) * Cumming (klaarkomen) * Cuss (vloeken) * Demon (boze geest) * Dick (detective) * Dike (manlijke lesbo) * Doom (doem) * Downer (slaapmiddel) * Dude (kerel) * Dump (afvalberg) * Dung (drek) *

Fack (fuck) * Fail (falen) * Faker (bedrieger) * Fanny (kutje/kont) * Fink (verklikker) * Folly (dwaas) * Fool (stommeling) * Fudge (snoep/nep) * Funk (lafbek) * Fuss (gedoe) * Gamble (gok) * Gang (bende) * Gay (homo) * Geek (nerd/fanaat) * Gory (bloederig)*


Grabber (graaier) * Gross (banaal) * Hacken (idem) * Hag (ouwe heks) * Harm (schade) * Hazard (risico) * Henchman (handlanger) * Hick (boerenpummel) * Hobo (zwerver in USA) *Hoe/Hooker/Moll (hoer) * Hogsflesh (varkensvlees) * Horsey (paardachtig) * Hot (geil) * Humble (van eenvoudige afkomst) * Hun (Duitser WO I) * Jerry (duitser WO II) * Junk (drugverslaafde) * Killer * Lecher (wellusteling) *  Leech (bloedzuiger) * Less (minder) * Loner (solitair) * Loo (plee) * Loot (buit) * Loss (verlies) * Lurker (loerder) * Lynch * Mack (pooier) * Malcontent (ontevreden) * Madder (gekker) * Mean (gemeen) * Moody (chagrijnig) * Moron (idioot) * Muff (kluns)* Muff, Puss, Slit (kutje) * Mug (smoel) * Nick (gevangenis) * Nuts (gek) *

Pagan (heiden) * Pander (koppelaar) * Parkinson ( enge ziekte) * Pee (plassen) * Petty (kleinzielig) * Popper (een drug) * Porn (porno) * Prick (opschepper/penis) * Pun (woordspeling) * Punter (gokker) * Quirk (rare hebbelijkheid) * Raper (verkrachter) * Rot (vervuild) * Rotter (rotzak) * Sad (droevig) * Savage (wildeman) * Sick (ziek) * Sin (zonde) * Sinner (zondaar) * Slaughter (slachting) *  Slump (beurskoersdaling) * Spit (spuug) * Stalker (idem) * Strange (vreemd) * Stroker, Wanker (afrukker) * Sucker (lulletje) * Suckling (zuigeling ) * Swank (opschepper) * Tit (tiet) * Toff (branie) * Vandal (vandaal) * Villain (schurk) * Wank (snoever) * Zilch (niks).


leuk bij de buren

Aufrichtig (oprecht) * Biedermann (fatsoenlijk mens) * Ehrlich (eerlijk) * Elflein (elfje) * Erblich (erfelijk) * Feiertag (vakantie) * Fein (voornaam) * Freiherr (baron) * Freilich (wel degelijk) * Freude (vreugde) * Freundlich (vriendelijk) * Fröhlich (vrolijk) * Fruchnicht (vrees niet ) * Glück (geluk) * Gutgesell (goed gezelschap) * Gutheil (beterschap!) * Heim (thuis) * Höflich (beleefd) * Immerglück (altijd mazzel) * Junker (edelman) * Keusch (rein/kuis) * Kleinsorge * Kühn (stoutmoedig) * Klug (verstandig) * Klugheit (wijsheid) * Kurzweil (leuk) * Kuss * Lecker (lekker) * Liebchen (liefje) * Liebe (liefde) * Lieben (houden van) * Liebeskind * Mut (moed) * Mutti (mammie) * Ohnesorge (zonder zorg) * Profittlich (profijtelijk) * Reinhart (dapper) * Reiz (charme) * Sauber (zuiver) * Schatz (schatje) * Schlemmer (lekkerbek ) * Schönekerl (mooie kerel) * Schönwetter (Mooiweer) * Selig (zalig) * Schlemmer (smulpaap) * Scherz (humor) * Sieger (overwinnaar) * Sorgenfrei (zorgeloos) * Sorgenicht (maak je geen zorg) * Süss (zoet/liefelijk) * Toll (geweldig!) * Trauernicht (treurniet) * Trefflich (perfect) * Treuherz (goed hart) * Tugendhaft (deugdzaam) * Überfluss (overvloed) * Vortrefflich (uitmuntend) * Witz (grap) * Zart (teder). 


Beau (mooi) * Bienfait (weldaad) * Bonheur (geluk) * Cachet (gedistingeerd) * Charité (liefdadig) * Charmant * Comfort * Coulant (schappelijk) * Courage (moed) * Courtois (hoffelijk) * Dauphin (kroonprins) * Dieu (god) * Empereur (keizer) * Galante (galant) * Fric (geld) * Jolie (mooi) * Gentil (aardig) * Mignon (liefje) * Paradis (paradijs) * Patience (geduld) * Plaisir (vreugde/genot) * Prudente (voorzichtig) * Puissant (machtig/vermogend) * Sacré (heilig) * Santé (gezondheid) * le Sage (de wijze) * Sauveur (verlosser) * Vaillant (dapper)


Angel (engel) * Bliss (vreugde) * Broad (vrouwmens) * Buddy (kameraad) * Buss (kus) * Champion * Charm * Cheers (proost!) * Cleverly (slim) * Clout (invloed) * Content (tevreden) * Coy (koket) * Darling (schat) * Dear (lieverd) * Deary (schatje) * Fatty (dikzak) * Fit * Flapper (tienermeisje jaren 1920) * Free * Friendship * Fun (pret) * Gallant (dapper) * Gay (vrolijk/homo) * Gaylord * Gentle (adellijk ) * Glad (blij) * Glory (glorie) * Goodfellow (goeie kerel) * Hardy (flink) * Holy (heilig) * Honey (schatje) * Hot (sexy) * Hug (knuffel) * Innocent (onschuldig) * Jolly (plezierig) * Joy (vreugde) * Junk (drugsverslaafde) * Keen (scherp) * Kiss * Knight (ridder) * Lass (meisje) * Lord (adellijke heer) * Love * Lover (minnaar) * Noble (nobel) * Petty (onbelangrijk) * Pope (paus) * Pretty (mooi) * Rich (rijk) * Sir (mijnheer) * Sleek (goed verzorgd) * Slender (slank) * Smart (slim) * Squire (landjonker) * Suckling (zuigeling) * Sweet (lief/zoet) * Swift (vlug) * Viceroy (onderkoning) * Virgin (maagd) * Wisdom (wijsheid) * Witty (geestig).


Ongunstig Light                           

Ongunstig light bestaat ook. Lokt onderdrukt glimlachen uit, maar de familie kan er mee leven – het dierbare voorgeslacht vond het kennelijk niet erg. Een beetje typisch toch en je moet bij sollicitaties en in de sociale media wel met de billen bloot. In het dorp of het stadsbuurtje, waar iedereen elkaar kende, was het een ongevraagde bijnaam, een beroep of een vroeger neutraal woord, nu negatief. Multinamen ontdekte ik niet - behalve de onschadelijke Hummel met 2.396 dragers en de onaangename Bot (2.068). Botter (1.099) is nog erger, maar ook een vissersschip. Er is nog Kraak met 1.711.


Ook werd afkeer van de namenwet van Napoleon ongestraft verwoord. Eeuwenlang  onder je voornaam of bijnaam bekend, dus is een achternaam overbodig, eigenwijs en verwaand. Iets voor ander soort mensen, stadse of van hogere stand. Onze lijst tot nu toe:


Aanstoot * Aasman * Achterop * Alarm * Amoraal * Angst * Babbel * Bagger * Bah * Balen * Ballemans * Bangert * Bar * Barrevoets * Bars * Basta (stop!) * Bastert (bastaard) * Bazelmans * van Bebberen * Bedel * Beduvel * Bek * Bende * Bengel * Beu * (de) Beul * Beulen * Beunen (onbevoegd klussen) * Beuzel * Beven * Bilstra * Bilterijst * Bitter * Bits * Blaas * Blaffert * Bleek * Blindeman * Bloos * Blufpand * Boedeltje * Boef * Boetekees * Boevenbrink * Bonthond * Boos * Borrel * Borstlap * Boterham * Bots * Boutkan * Braakhekke * Braak * Braken * Bral * Breekweg * den Breker * Breuk * Brillemans * Brokken * Brommer * Broos * Brul * Bulder * Burgerman * Bijster * Crimi * Daas (druk iemand) * Dinges * Dobbelaar * Dodeman * Dodemond * Doetjes * Dof * Dol * Dom * Dommer * Domper * Dol * Dolleman * Dood * Doods * Doof * Doolhof * Dopper (werkloze in de vooroorlogse crisis) * Dorregeest * Dorrepaal * Dorst *


Drektraan * Dronkert * van Drogenbroek * Dubbel * Duel * Duister * Duistermaat * Dul * Dulle (maf) * Dun * Dunnebier * Duurkoop * Dwaalster * Dwars * Dwinger * Eelzak * Ei * Eikel * Eiser * Eng * Engeman * Enger * Etter * Faken * Feutjens * Fielt * Flater * Fleer * Flutman * Foei * Fokken * de Fokkert * Folterman * Foppen * Friemel * Frik (pietluttige onderwijzer) * Futselaar (beunhaas) * Fijnebuik * Gal * Galgenbeld * Gammel * Gatjens * Gering * Geval * Giebelen (meidengegiechel) * Giller * van Gisteren * Goedkoop * Goor * Goorhuis * Graf * Grafhorst * Grauw (gepeupel) * Grief * Griep * Gril * Grim * Grof * Gruwel * Grijns * Grijp * Guit (deugniet) * Gijzelaar * Haast * Halfwerk * Hakkel * Hardebol * Heetwinkel * Hekel * Heling * Herrie * Hetebrij * Hobbezak *


Honds * Hongerbron * Hongerkamp * Hoogmoed * Hoon * Hork * Horrevoets * Hottentot * Houtwipper * van Hummel * Jabroer * Janken * Jassies * Jennen * Jeuk * Jeukendrup * Joch * Jojo * Jokker * Jut * Kaal * Kakel * Kaler * Kamper * Kattevilder * Kallen * Keet * Kerker * Kermen * Keten * Keuvelaar (babbelaar) * Kibbel * Kil * Kinds * Klacht * Kladder * Klager * Kleinleugenmors * Kleinmoedig * Kleuter * Klever * Kliek * Klier * Klootwijk * Klos * Kloters * van der Klucht * Klungel * Kluts * Knarren * Knel * Knies * Knook * Knoet * Knots * Knuppel * Knijpert * Koekebakker * Koest * Kol (toverheks) * Kolder * Kommer * Konkelaar (kwaadspreker) * Koopziek * Koppijn * Kortvriend * Kostverloren * Kot * Kots * Kouwe * Krach * Krakeel (ruzie) * de Kraker * Kramp * Kranghand * Krap * Kregel * Kreuk * Kreukels * Kreunen *


Kreupel * Kriebel * Kriegel * Kroeg * Kroep (bronchitis) * Krom * Krombeen * Kromme * Krot * Kruimelaar (gierigaard) * Kruiper * (van der) Kruk * Krukkert * Krijs * Kuiperij * Kul (onzin) * Kunstman * Kwaad * Kwaaitaal * Kwabek * Kwakernaak * Kwakkelaar * Kwakkestijn * Kwast * Kwelling * Kwetser * Kijf * Lachniet * Laks * Lamme * Later * Leegganger * Leegte * Lening * Lestestuiver * van Leuteren * Links * Lobbes * Loeder * Loermans * Lokker * Lommert * Loog * Lomp * Lor * Lormans * Lui * van Lummel * Lurken * Luttel * Lijk * Lijkendijk * Lijmer * Lijmpot * Lijphart * Mafia * Mager * Mak * Malcontent * Malen * Malle * Maller * Mammen (zogen) * Manie * Manneke * ’t Mannetje * Mank * Martel * Mat * Mekken * Meelkop * Meurer * Meurkens * Meurman * Min * Minder * Modderaar * Modderman * Moe * Moederzoon * Moenen (de duivel) * Moetwil * Mof (nazi/Duitser) * Mokken *


* Moord * Mores * Morren * Mussert (NSB nazi WO II) * Muts (trut) * Naaktgeboren * Nada * Nat * Nattekaas * Nee * Nep * Niemand * Niemendal * Niet * Nietes * Niks * Nooitgedacht * Nooitmeer * Nooitrust * Nul * Nurks (knorrig) * Oen (domme sul) * Ondunk * Ongena * Onrust * Onwezen * Oud-Aanstoot * Paardebek * Paffen (roken) * Pappot * Pech * Pek * Peperzak * Pest * Pester * Pet * Peuk * de Peuter * Pikker * Pimpel * Pingel * Pissoort * Plasman * Plasterk * Platvoet * Po * van Poepele * Poets * Pover * Praats * Prakken * Priegelaar * Pronker * Prul * Prus (kieskeurige eter) * Puinbroek * Puist * Puister * Pulkenman * Pus * Pijn * Raar * Rabouw * Ramp * Ranselaar * Rap * Rats * Rauw * Rimpel * Riool * Ritselaar * Rochel * Roes * Roet * Rommelaar * Roof  * Rothuis * Rotsteeg * Rouw * Rouwen * Rover * Ruig (ruw) *


Rund * de Ruwe * Saai * Salie * Sastra * Schaars * Schade * Schamper * Schandevijl * Scheel * Scheld * Schele * Scheiuit * Scheve * Schim * Schor * Schmierer (acteur die overdrijft) * Schuin (mopjes) * Schraal * Schreeuwer * Schriel * Schrik * Schuchter * Schuimer (parasiet) * Schuld * Schurkens * Schuwer * Siepman * Simmer (huilebalk) *  Simpelaar * Sip * Slaaf * Slabak * Slachter * Slaper * Slavenburg * Slecht * Slechte * Slenter * Sleur * Slisser * Sloof * Slooper * Slop * Sloop * Sloven * Sluik * Sluimer * Slijk * Slijm * Slijt * Smalbraak * Smart * Smet * Smeur * Smoes * Smijter * Snaak * Snaayer * Snater (kwebbelaar) * Snauw * Snik * Snijdood * Somber * Sopjes * Speelziek * Spieker * Spillebeen * Spook * Staar * Stank * Stikker *


Stinken * Stillebroer * Stokebrand (aanstichter) * Stom * Stomp * Stoorvogel * Storing * Straks * Stram * Striem * Stroeve * Stroman * Strooper * Strop * Struikelblok * Stuip * Stuitje * Stulp * Stumpers * Stijf * Suikerbuik * Sul * Taartmans * Tam * Tang (gemeen oud wijf ) * Teer * Teister * Teut * van Teutem * Tietema * Tjakkes * Tobber * Todde * Toeter * Tollenaar * Toorn * Traag * Treur * Triest * Troeleman * Trumpis * Tuchter * Trul (suf vrouwmens) * Tut * van Twist * Uitslag * Uitvlucht * Uk * Vaal * Vaalt * Vaderloos * Vandaal * Vastbinder * Verdoold * Verdriet * Verdwaald * Verlaat * Verlies * Verloren * Vermist * Verreet * Verstreken * Verwoest * Vethaak * Wicht * Vilder * Vitten * Vollebroek * Vondeling * Voortwist * Voos * Vrees * Vrek * van Vuilkoop * Waaghals * Waan


* Waggelmans * Walg * Wammes * Warmbier * Wee * Week * Weeskind * Wegloop * Wicht * Wiet * Wildeman * Wildenbeest * van Wildernis * Wipking * Woest * Woestheer * Wormgoor * Wrederik * de Wreede * Wurm * Wijsbek * IJdel * Zachte * Zeer * Zeldenrust * Zeldenrijk * Zeldenthuis * Zemel * Zero * Zeuren * Zeverboom * Ziek * Zielig * Zoekende * Zoetekouw * Zonderdank * Zondergeld * Zonderhuis * Zonderland * Zonderman  * Zonderthuis * Zondervan * Zot * Zotter * Zuinig * Zuurman * Zuurmond * Zwak * Zwakhals * Zwakman * van Zwam * Zweer * Zweet * Zwets.


Terzijde/ P. Nieuwland onderzocht Friese ‘protestnamen’, in 1811 aangemeld. Zoals Bieknijver * Bokstaart * Grimijzer * Kanenrijder * Kleinvogel * Leemkool * Lieger * Manweg * Muttscheplukker * Omloop * Pottjebier * Vlaarmuis en Vroegrijp. Ironische bedenksels die, misschien gelukkig voor nazaten, zijn uitgestorven en alleen opduiken bij diepgaand genealogisch speurwerk. Machteloos verzet tegen de dictator van toen. Zonder risico, want de fransoos begreep de humor toch niet.

Benno Baksteenlijst


Volkskrantredacteur Joris Cammelbeeck noteerde eind vorige eeuw op de redactie langsgekomen combinaties van naam en functie in een naar een bekende KLM-gezagvoerder genoemde Benno Baksteenlijst (what's in a name?): chef Schade ANWB  Bots * coördinator Naturistenbond  Broekstra * leraar handvaardigheid Klungel * aannemersbedrijf Krot * masseur Tour de France Masseur * voorzitter duikondernemers Zeeland Onderwater * bridgeteamleider Pas * advocaten Rein en Sjaak Pleiter * voorlichter ministerie VWS Praat * directeur techniek NS Ton Regtuyt * voorzitter Kaasexport Schaaf * seksshophouder Sneeboer * voorzitter Vereniging Tuincentra Struijk *


Bovendien uit eigen verheugende waarneming, waarbij ook namen die juist perfect overeenkomen met de functie:  perenteler Erik Appelman * dokter Bernard Beffie voorheen te Amsterdam voor geslachtsziekten * boomkweker Pieter van den Berk * Café Restaurant Flater * landmacht-generaal Leo Beulen * advocaten mr. Louis de Boef/mr. Hester Pleiter/mr. Julie de Rechter/mr. Daniëlle Troost. En mr. Manon Aalmoes (sociale sector waarschijnlijk) * begrafenisonderneming Treur * landbouwer Harm Boontjes * Auto Roest Occasions * binnenvaartschipper Jan van der Wal * dominee Betty Woord * kinderneuroloog Sigrud Pillen * neuropsycholoog dr. Mathilde Kennis * maar ook hoogleraar psychiatrie Nick van der Wee * brandbeveiligingsexpert Johan Koudijs * Gerda Drop van Parachutistencentrum Hilversum * oceanograaf Sijbren Drijfhout * dijkgraaf Herman Dijk *

oliebollenbakker Jordy Bakker * Martine en Louise Fokkens, auteurs van autobiografie Ouwe Hoeren, Verhalen uit de peeskamer * Corinne Groenestijn van volkstuinvereniging * voorzitter Vakbond Pluimveehouders Hennie de Haan * voorzitter Ned-Vis Pim Visser * Glashandel Sukkel * huisartsen Bloed/Dokter/van de Kerkhof/Ziekenoppasser * chirurgen Ignas van den Bebber * directeur Netwerk Notarissen Lucienne van der Geld * topkok Joop Braakhekke * jeneverkenner Rob van Klaarwater * opticien Scheel * hoogleraar koloniale geschiedenis Gert Oostindie * dierenwelzijndeskundige Wim de Leeuw * de heer Rijk Zeldenrijk * euthanasie-expert Koos van Wees * kwaliteitsslager Marc Broodbakker * kamerheer des konings jhr. Jan Jaap de Graaff *

Nico Naaktgeboren van Genealogie LUMC * hoogleraar gezonde leefstijl Emily de Vet * in het Gooi: uitvaartverzorgers van Pijpen, Smorenburg en van Vuure (allen ook voor crematies) * hoogleraar suicidepreventie Ad Kerkhof * Patricia van Engelen van Uitvaartstichting Hilversum * pornofilmregisseur Erica Lust * procureur-generaal Han Moraal * docent Hogeschool Utrecht Nicolina Montessori * productontwerper Lisa Mandemaker * quiltkunstenares Betty van der Schaar * Fred Lam van Ned. Ver. Anesthesiemedewerkers * wasserij voorheen Smeerdijk te 's- Graveland * relatietherapeut Vera Steenhart * woordvoerder Rijkswaterstaat Manon van den Oever * reisinformateur NS Arjan Spoormans * Nico van Ruiten, Glastuinbouw *

taaladviseur NOS Peter Taal * scheepstimmerman Harmen Timmerman * slagerij van Vark in Almkerk * sloopbedrijf Kwakkel in Kampen * strandvonder Willem de Rover * transportondernemer Jan Snel * gyneakoloog dr. Evert Slager * tandarts van der Gat * timmerman Spijker in Heemskerk * verkoopmanager Ingmar Contant * vogelaar Nico de Haan * voorzitter Autoriteit Consument en Markt Martijn Snoep (kannie ook niet helpen) * wethouder gemeente Wassenaar Kees Wassenaar * wijkagent Marcel Schaap * en ooit dominee Zemel en natuurlijk ons aller tv-weervrouw Diana Woei.

NB: zie ook online Stroomopwaarts/namenverzameling

Interessante combinaties zijn heel welkom op hupkesg@xs4all.nl


Bargoens en straattaal

Dieventaal of onderlinge geheimtaal uit begin 20ste eeuw, ontwikkeld in de zelfkant van de grootstedelijke samenleving. Door bedelaars, daklozen, gokkers, messenslijpers, kermisklanten, ketellappers, landlopers, marskramers, pooiers, vagebonden, voddenrapers, woonwagenbewoners, zakkenrollers, zigeuners. En natuurlijk de echte penoze met professionele inbrekers, bendes zware drugscriminelen, kortom de maffia. Het gaat vaak over bedelen, bedriegen, alcoholische drank, eten, geld, politie, prostitutie en stelen.

Veel woorden zijn uit het jiddisch verbasterd. Soms werd de bargoense term algemener en als ergens duidelijk is dat taal verandert is het hier wel. Maar er zijn nog achternamen met een versleutelde betekenis die alleen insiders bekend is, behalve misschien aan taalkundige fans van deze website.


In hoeverre het bargoens nog wordt gebruikt of al deel van de volkstaal werd, is de vraag. Overigens is ook van straattermen van nu - de meisje, doekoe (geld), kaas (witte Nederlander - geleidelijke inburgering niet onwaarschijnlijk. Verder nam ik straattaal als Kachel, Kappen, Peren, Pleur, Teut en Toeter op. Het getuigt van de ouderdom van de achternaamgeving en hoe namen ineens een bijbetekenis krijgen. Even fascinerend als geheimzinnig. Voorstelbaar is het pas 'als je het je eige beseft', zei professor Cruyff al.


Onze lijst van bijzondere geslachtsnamen, met de vertaling in ABN. Scheldwoorden kregen een #

Arres (angst) * Baanders (benen) * Bagger (waardeloos) * Bak, Nor (gevangenis) * Bakkes (gezicht) * Balkon (weelderige boezem) * Beuk, Kluit, Stoot, Straal (veel) * Beris, Eikel, Stik, Vellen, Zak (#) * Beuken, Veeg, Wip (neuken) * Bever (koorts) * Biek (fijn) * Bikkel (doorzetter) * Bikker, Pal, Pooier, Soeter (souteneur) * Blaffer (pistool) * Blanus, Poen (opschepper) * Blauw (bruin van huid) * Blauw, Kachel, Keil, Lam, Lazarus, Sikker, Straal, Teut, Toeter (dronken) * Boek (portefeuille) * Boender (onfris persoon) * Bout, Diender, Flik, Kit, Smous, Tuut, Wout (politie) * Bozer (vlees) * Brak (lamlendig/katterig) * Brem, (gek) * Stapel Brief, Prent (bankbiljet) * Bruin, Goudvink, Vet (rijk) * Calf (christen) * Dekken (op uitkijk staan) * Dille (kletskous) * Dirken (poepen) * Dissen, Jennen (sarren) * Dokken, Schokken (betalen ) * Dopper (werkloze in crisis 1929) * Douw (straf) * Drommel (stakker) * Dulle (kordaat wijf) * Dijk (manlijke lesbo) * Emmer (fijn/lekker) * Emmes (uitstekend) *


Fiat (vertrouwd) * Fikken (handen/verbranden) * Fluit, Pook, Rammelaar, Sieber, Slinger, Vermaak, Vogel, Zwager (piemel) * Frek, Vel (jas) * Gabbert (makker) * Gak (neus) * Gammer (domkop) * Gasser (spek) * Bink, Gast, Knar, Meier, Peer, Pik, Vogel, Vrijer, Wipper (kerel) * Geel (goud) * Gieren (slaan) * Godin (eerlijk) * Gondel (dame) * Groos (pretentie) * Guit (deugniet ) * Hebbes (beet hebben) * Hengst, Peut (klap) * Hillig, Sof (tegenslag) * Hommeles, Lampe, Mot (ruzie) * Hossele (op straat drugs dealen) * Jas (condoom) * Jid, Smous (jood) * Joppe (goed) * Kaas (witte Nederlander) * Kaffer, Kever (boer/provinciaal) *

Kalle, Tor # (hoer) * Kanen, Nassen, Prakken (eten) * Kanes, Taas (hoofd) * Kappen (ermee stoppen) * Kast (bordeel/studenten-huurkamer) * Kat (buit) * Katje (berisping) * Kater (onwel na dronkenschap) * Kech (hoer) * Kief (wiet) * Kien (sleutel/slim) * Kits, Snor (in orde) * Klos (dupe) * Kloft, Kluft (kleding) * Kluit, Pegel, Pop (geld) * Knol (paard) * Knorren (slapen ) * Knul (jongen) * Knuppel (lomperd) * Knijf (mes) * Knijp (bang/kroeg) * Koter (kind) * Kraak (inbraak) * Kruidenier (prutser) * Kruif (opscheppen) * Lap (oor) * Leep (sluw)


* Leip (gek/gevaarlijk/mal) * Link (slim/gevaarlijk) * Loen (bedrieglijk) * Loenen (verraden) * Loer (botterik/gemene truck/list) * Loges (achterwerk) * Lor, Oen (sukkel) * Louw (niet/weinig) * Macher (koopman) * Maf, Stapel (gek) * Makkes (misère) * Makkie (makkelijk klusje) * Majem (water) * Matsen (bevoordelen/knoeien) * Matser (knoeier) * Matten (vechten) * Meppen (slaan/beetnemen) * Merode (doodarm) * Mieg (urine) * Mies (lelijk/niet-lekker gevoel) * Mokke (vuil wijf) * Mokum (stad) * Mol (infiltrant) * Mollen (doodmaken) * Moos, Mos (vrouw) *

Mossel, Pruim, Scheur, Spleet, Vermaak, Vijg, Emmer (vagina) * Mot (ruzie) * Naatje (waardeloos) * Nakken (slaan) * Neet (meid/vent) * Nep (bedrog) * Neut (borrel) * Nicht (homo) * Nies, Niese (vrouw/liefje) * Nop (nee) * Oortjes, Pegel, Platen, Poen, Moos, Zaad (geld) * Paf (geschrokken) * Palmer (soldaat) * Peren (wegrennen) * Pieren (dobbelen/gokken) * Plat (stil) * Pleite (bankroet) * Pleur (bakje koffie) * Plomp (log van lichaam/buitenwater) * Poen (opschepper) * Poet (buit) *


Pot (lesbo) * Poot (homo) * Poter (kwijt) * Rats (bang) * Raap (gezicht) * Rippen, Jatten, Klouwen (stelen) * Rug (1000 gulden) * Rus, Stille, Wees (rechercheur) * Rut (blut) * Schaken (betrappen) * Scheffer (gevangene) * Schim (gelaat) * Schimmel (gelukje) * Schuit (schoen) * Schutten (gevangen nemen) * Siep (soa) * Sjakes (koest) * Smeer (uitkijk) * Snaar (bijvrouw) * Sneeuw, Witsel (morfine) * Snoeren, Krikken (neuken) * Spekken (royaal schenken) * Sperwer (paraplu) * Spits (pienter) * Stoter (afzetter) * Straal (bezopen ) * Stuk, Brok, Moot, Spetter, Stoot (lekker wijf) * Suiker (cocaïne) * Tater (mond) * Tof (betrouwbaar) * Trein (stoere vrouw) * Trom (dievenkroeg) * Trutmans (lulletje) * Turf (gestolen goed) * Vink (portemonnee) * Wies (verdwenen) * Zand (suiker) * Zeper (tegenvaller) * Zotter * Zuur (betrapt/jammer) * Zwerver (landloper) * Zwijnen (boffen).


Logisch, als je cocaïne suiker noemt, moet je voor suiker een ander woord hebben. De termen zijn vaak meervoudig  - zeker voor drank, politie, geld, rijkdom, manspersonen en seks. Afkomstig uit bargoens en straattaal.

NB: zie ook bij Amoureus.