Bijzondere Achternamen
'Digitaal Erfgoed'

 

 

Onze namen. Jonge, Lutje en Olde, Klein en Groot. Verder Agrarisch.

Bij de multinamen loopt uiteraard (de/den) Boer met 55.477 personen op kop, met bovendien 336 samengestelde namen met 'boer'. Gevolgd door (van/van der) Veen met 35.665 en in totaal 249 samenstellingen. Hierna Verhoef (f/ven) met 24.334 en (de) Haan met 23.193. Er zijn ook Scholte(n/ns) met 18.853, als dorpelijk invloedrijke boeren. Dan Bouman(s)/Bouwman(s), zoals de landbouwer vroeger werd genoemd, met 17.553 plus 66 samenstellingen.


Dan van den Akker/Akkerman(s) met 13.293 * van Es/van Esch met 12.085 * Hofman met 10.000 * Molenaar met 9.941 plus 88 treffers waarin ‘molen’ voorkomt * Schaap met 8.648 * Rietdijk/Rietman/Rietveld met 8.422 * Schuur(man) met 8.340 * Boon met 7.993 plus ca 100 samenstellingen met ‘boon’ * (van) Klaver(en) met 9.195 * Kool(s/en) met 9.872 * (van den) Boogaard/Bogaard met 7.097 * Knol met 5.905 * Klomp met 5.234 * (van der) Spek met 5.009 * Bongers met 4.674 * Moes met 3.413 * Vogelaar (2.239) * Koeman(s) 1.869 * Wildeboer (1.416) * Pruim (1.291) * Al die grote aantallen door onze agrarische wortels in de naamgevingseeuwen. Volgens mij meestal bijnamen en pas openbaar door de verplichte Burgerlijke Stand van 1811.


Meijer is (38.472) is met de schrijfwijze Meyer (1.575) en Meier (880) een multi apart. Meijers pachtten de grond van de eigenaar, waar zij op woonden en boerden, een landheer of kerkelijke grondbezitter. Er zijn maar liefst 598 kleine familienamen waar 'meijer' in voorkomt en 209 met 'meier' of 'meyer' - spijtig, maar er is geen beginnen aan! Al zijn Adelmeijer * Pielmeijer * en Rozemeijer wel heel mooi en is Brenninkmeijer wel heel bekend. Meer alleen in dubbele namen. Hetzelfde bij (van de/van den/van der) Brink (5.385) met 278 afgeleiden. Maar Boerenbrink * Boevenbrink * Brinkboer * Distelbrink * Heetbrink* Hurrelbrink * Kleinheerenbrink en Miggelbrink moeten even.

(de) Jager is met 15.203 personen sterker aanwezig dan (de/den) Herder met 1.842. Bij de producten verder (de) Bok/Bock (3.105) * Lam (2.870) * Ham (1.705) * Kers (1.541) * Tabak (1.469) * Kip (1.399). En er is van Dorp (2.580) met 177 samenstellingen, zoals Baasdorp * Biggendorp * Brasdorp * Dansdorp * Dierdorp * Eigendorp * Glansdorp * Hammendorp * Regendorp * Goedendorp * Kaandorp * Koekendorp * Masdorp * Ossendorp * Papendorp * Schoondorp * Vlodorp * Zoetendorp *  

Onze namen


(van der) Mark (2.423) betekent erfgerechtigde in een marke – een boerencollectief met gezamenlijk gebruik van schrale landbouwgrond, in het oosten des lands, maar als erfgooiers ook op de Gooise hei. Hop (2.384) was een topgewas, want in de stad dronk je liever veilig, slap maar gekookt bier, dan het gevaarlijke door uitwerpselen en afval stinkende grachtwater. Behalve als er in je tuin een eigen bron was geboord - alleen bij rijke mensen. Er is ook Hopman (2.789).

Legio namen met 'bier', zoals Bierbal * Bierboom * Bierdrager * Bierema * Bierenbroodspot * Biergans * Bierhaalder * Bierhof * Bierhenkel * Bierhuis * Bierhuizen * Bierhuys * Bieringa * Bierings * Bierlaagh * Bierlee * Bierling * Bierman * Bierschenk * Bierstee * Biersteker * Bierwagen * Bierwolf * Dikbier * Dodenbier * Dunnebier * Goeijenbier * Goeyenbier * Honnebier * Kanbier * Koekenbier * Leckerbier * Oudbier * Pakbier * Scherpbier * Schuurbier * Slokkenbier * Warmbier * Zoetebier * Zoutenbier * erger nog: Zuurbier.

Appel(man) met 2.632 en * Peer/Peereboom met 1.543 voor het alledaagse fruit * Coop/ Coops/ Coopman/ Cooper (1.272) hadden een vergunning (cope), als ondernemende middeleeuwse ontginners van braakliggend veen van de adel of de kerk in het westen des lands. Nog 47 namen met 'hooi/hooij', zoals Hooi * Hooiberg * Hooiboer * Hooibrink * Hooijer * Hooikaas * Hooikammer * Hooiman * Hooijmans * Hooijmaijer * Hooijmeijer * Hooiveld * Plukhooij.

Jonge, Lutje en Olde, Klein en Groot

Uit Twente en de Gelderse Achterhoeks stammen namen met twee delen. Lutje en Lutke is klein, de Jonge een zoon. Olde en Oude is de vader. Idem bij Klein en Groot. Toen grond genoeg om wildernis vlakbij te ontginnen om een boerderij te starten. De namenseries uit bloedverwantschap zijn in 1811 vastgenageld en sindsdien nationaal verspreid. Geen dubbele namen, zie /Deftigheid.

Neem de familie Venterink: er zijn lage Venterink, Lage Venterink, Olde Venterink, Oude lage Venterink en Hoge Venterink.  Of Berenbroek en Beerenbroek: je hebt lutje Berenbroek en Lutje Berenbroek, plus lutje Beerenbroek en Lutje Beerenbroek, dus vier familiale boerderijen * Ook bij Wassink (multi): klein Wassink, Klein Wassink, groot Wassink, Groot Wassink en Groote Wassink * Het begon met Schaarsberg en daarna Kleine Schaarsberg en Groote Schaarsberg, voor de zonen * Alink en Oude Alink * Antink, Groot Antink, Klein Antink, Klein-Antink, Hooch Antink en Hoog Antink *

Bennink, Klein Bennink, Oude Bennink * Bos en Oude Bos * Deterd op Monnik * Detert op Monnik * Egelink en Klein Egelink * Everink en Nije Olde Everink, nije Olde Everink * Bromhaar, Groote Bromhaar en Grootte Bromhaar * Griep en oude Griep * Eerst Hampsink, toen Olde Hampsink en Oude Hampsink * Oudenampsen, Oldenampsen en Oudenampsen plus Nieuwenampsen * Grote Ganseij, Grote Gansey, Klein Gansei en Klein Ganseij * 

Griep en Oude Griep * Griepink en Oude Griepink * Groen (multi), Oude Groen, Oude Groeneger, Oude Groeniger, Uit Oude Groeneveld en de Haan uit Oude Groeneveld * Hampsink en Olde Hampsink * Hesseling, Kleijn Hesseling, Klein Hesseling  en Kleinhesseling * Hengel en Oude Hengel * Heuvel en Olde Heuvel * Oude Heuvelt en Olde Heuvelt * Hinken en Oude Hinken * Eerst was er Esch en daarna Hogenesch, Hogen-Esch en Hogen Esch *

Kalvenhaar en kleine Kalvenhaar * Kleinekemper en oude Kemper, Oude Kemper plus nog Hinkenkemper * Kempers, Oude Kempers en oude Kempers * Koring en Kleine-Koring * Kormelink, Groot Kormelink en groot Kormelink plus Kormelinck * Groot Kormelinck * groot Kormelinck * Kranenbarg en Klein Kranenbarg * Lankhorst en Klein Lankhorst * te Leugenmors, Klein Leugenmors en Kleinleugenmors *

Lammers, Oud Lammers en Oltlammers * Lohuis, ten Lohuis, Oude Lohuis en oude Lohuis * Loohuis en Olde Loohuis *  en olde Luttikhuis * Meuleman, Klein Meuleman en Kleinmeuleman * Monnikhof, Olde Monnikhof en olde Monnikhof * Molekamp en Klein Molekamp * Nengerman en Klein Nengerman * Nienhuis en Klein Nienhuis * Nijenhuis, Klein Nijenhuis en Kleinnijenhuis * Nieuwenampsen, Oudeampsen en Oldenampsen * Penning en Kleinpenning  *

Piening, Klein Piening, Kleine-Piening * Poelhuis, Klein Poelhuis en klein Poelhuis * Punt, Groote Punt, Grote Punt en grote Punt * Punte, Kleine Punte en Olde Punte * Rammelkamp, Kleine Rammelkamp en kleine Rammelkamp * Het begon met Reimer en daarna Ensink op Reimer, Oude Reimer en Scholte op Reimer * Rensink, Oude Rensink en Kleinrensink *

Klein Beernink, Kleine Beernink en zelfs Klein beernink * Blenke en Oude Blenke * Bruinink, Klein Bruinink, Kleinbruinink, Oude Bruinink en Hofsté op Bruinink * Klein Hülze en Groot Hülze * Hengel, Oude Hengel en Olde Hengel * Ikkink, Klein Ikkink en klein Ikkink * Rikkerink, olde Rikkerink en Olde Rikkerink * Hofmeyer,  klein Hofmeijer en Klein Hofmeijer * Kotte, Oude Kotte en Oldenkotte * Nienhuis en Klein Nienhuis * Polsvoort en Klein Polsvoort * Piening, Kleine Piening en Kleine-Piening *

Rechterschot en Olde Rechterschot * Rouweler, Klein Rouweler en Kleinrouweler * Rouwen en Groot Rouwen * Schaars, Kleine Schaars, kleine Schaars, Grote Schaars * Schipholt, Lutje Schipholt en lutje Schipholt, Lutke Schipholt en lutke Schipholt en zelfs Lutke-Schipholt * Je hebt Schiphorst, Klein Schiphorst en Kleinschiphorst * Severt, Klein Severt en Groot Severt * Slaghekke en Klein Slaghekke *

Sprenkelink en Klein Sprenkelink * Sprokkelhorst en Klein Sprokkelhorst * Sta van Uiter, Sta van Uitert en Stavenuiter * Stapel, Klein Stapel en Kleinstapel * Steenwelle , Grote Steenwelle en Groten Steenwelle * Stegge en Oude Stegge * Steinwelle, Grote Steenwelle en Groten Steenwelle * Stroek, Grote Stroek en Kleine Stroek * Stoevenbeld, Hoog Stoevenbeld, Hoogen Stoevenbeld en Hoogstoevenbeld * Stoevenbelt, Hoog Stoevenbelt, Hoogen Stoevenbelt en Hoogstoevenbelt *

Stroek, Grote Stroek, grote Stroek, Klein Stroek, Kleine Stroek * Tanke en oude Tanke * Traast, Kleinen Traast en Grootentraast * Tuente en Klein Tuente * Twilhaar en Nijen Twilhaar * Nieuwe Weme, Nieuweweme, Oude Weme, Oude Nijeweme en Olde Nijeweme plus Oude Nijeweeme *

Oldewening en Nijwening * Wesselink en Oude Wesselink * Wevelkate en Olde Wevelkate * Willink, Lutke Willink en Klein Willink * Wolde Gabriel en Woldegabriel * Wolt, Klein Wolt en Kleinwolt * Wolterink en Klein Wolterink * Woud en Klein Woud * Zand Scholten en Zandscholten * Zandvoort en Klein Zandvoort * Zeggelink en Klein Zeggelink * Zieverink en Klein Zieverink *

NB: al zulke namen niet te verwarren met dubbele.

Er zijn ook dergelijke Duitse namen in ons land: Grosse-Allermann * Grosse Bleij * Grosse Hamberg * Grosse-Hering * Grosse Holz * Grosse Stüve * Grosse Thie * zur Kleinen Schmiede en zur Kleinschmiede * Lütke Schipholt en Lütke-Schipholt. Ingezetenen aan de Duitse grens of expats?

Zie ook /Onduidelijk? voor in de dagelijkse omgang naar hun boerderij genoemde pachters.

Verder agrarisch


Aardappel  * Aardbei * Adelmeijer * Akker * Akkerdaas * Appelboom * Appelbrij * Appelman * Appelmelk * Barg (varken) * Bargeboer * Barmen 't Loo * van Barmen 't Loo * Barmentloo * Bats * Beemsterboer * Beenakker * van Beesten * Bergboer * Biesboer * Biest * Biet * Bietenaar * Blaauwboer * Bloemzaad * Boekwijt * Boerakker * Boerbank * Boerboom * Boerenbeker * Boerendans * Boerendonk * Boerenfijn * Boerenkamp * Boerenstam * Boerenveen * Boerewinkel * Boerhave * Boerhof * Boerhoop * Boerjan * Boerkamps * Boerke * Boerkool * Boerlage * Boerland * Boerleder * Boerleider * Boerlijst * Boermeester * Boersbroek * Boerstal * Boerstoel *

Bokje * Bolstier * Bonestroo * Bontekoe * Boogert * Boomgaard * Boonacker * Boonemmer * Boonstoppel * Boontjes * Boonzaayer * Boter * Boterenbrood * Boterhoek * Boterman * Brakeboer * Brandveen * Bravenboer * Broodkoorn * Bruinekool * Buiskool * Bul (stier) * Bunder (ca. hectare) * Buijsrogge * Calkoen * Citroen * van den Crommenakker * Damboer * Deeltekaas * Dikkeboer * Dolleboter * Dorsen * Dorsman * Druif * Druiventak * Dubbelboer * Edelschaap * Eendebak * Eenkoren * Eg * Eggen * Ei * Eigenbrood * Eg * van den/van der Eng * Ensink op Kemna * Enter * Erf * 

Erwteman * Evenboer * Fleerakkers * Fokken * Fokker * Fruitema * Fruitman * Fuik * Funnekotter * Gamelkoorn * Gans * Gansekoele * Ganzeboer * Ganzeboom * Ganzeman * Gardenier (gardinier = kweker) * de Geit * Gerst * Geyteman * Gier * Gierveld * Glimmerveen * Goorhorst Oude Sandering * Gortworst * Goudappel * Graanboom * Graanoogst * Graansma * Graanstra * Graas * Graaskamp * Grasboer * Graswinckel * Greup * Grishaver *


Groeizaam * Groeneboer * Groenekaas * Groente * Groenteman * Grote Stroek * Groot Baltink * Groot Bramel * Groot Breteler * Groot Boerlage * Grootherder * Groot Jentink * Groothuesheidkamp * Groothuismink * Grootkarzijn * Groot Nueland * Groot Oonk * Groot Rouwen * Grootscholten * Groot Tjooitink * Groot Zevert * Groot-Zevert * Groot Zwaaftink * Groote Balderhaar ten Velde * Groteboer * Grotenboer * Grootte Schaarberg *

de Haan Uit Oude Groeneveld * Haantjes * Hakboer * Halfschepel * Halm * Hanemaayer (Duitse oogstarbeider) * Hanenberg * Hanedoes * Hanegraaf * Hanekroot * Hanepen * Haneveer * Haneveld * Hark * Hateboer * Haver (met ruim 50 afleidingen, zoals Grishaver * Haverbult * Haverhals * Haverkamp * Haverkate * Haverkorn * Haverkorst * Haverkort * Haverkotte * Haverland * Haverman * Haverschmidt * Havertong * Ruighaver. Veel haver en gek genoeg geen tarwe, dus een later gewas) * 

Heiboer * Hen * Hendervanger * Hengst * Hengsteboer * Hennep * Hennephof * Henneveld * Hennip * Hennipman * Hennipsmaat * Herderschee * Herderscheê * Hoefakker * Hoen * Hoenkamp * Hoenderdos * Hoenderkamp * Hoendermis * Hoendervanger * Hoendervoogt * Hoevenaar * Hofste op Bruinink * Hommel * Honing * Hoeder * Hoofdakker * Hooisma * Hoonakker * Hopkoper * Hoppenbrouwer * Hopstaken * Houtakkers * Hovenier * Imker * Jongboer * Jongeboer * Jongschaap * Juk *

Kaas * Kaasenbrood * Kaasgaren * Kaashoek * Kaasjager * Kaasschieter * Kalf * Kalfsvel * Kalkoen * Kattenpoel Oude Herink * Kalverboer * Kalverda * Kalverkamp (plus zomaar 687 namen waarin het adres 'kamp' voorkomt) * Kapoen * Kelfkens (komt van kalf) * Kemerink op Schiphorst * Kers * Kerseboom * Keuter (kleine boer) * Keuterman * Kieken * Klaasboer * Klaverboer * Klaverweide * Kleiboer *

Klein Arfman * Klein Avinck * Klein Avink * Klein Boonschate* Klein Breteler * Klein Douwel en Kleindouwel * Klein Elhorst * Klein Gansei * Klein Ganseij * Klein Gunnewiek * Klein Günnewijck * Klein Haneveld * Klein Heerenbrink * Kleinheerenbrink * Klein Hemmink * Klein Hollenberg *

Klein Horstman * Klein Iking* Klein Kauwenberg * Klein Klouwenberg * Klein Lankhorst * Kleinluchtenbeld * Kleinlugtenbeld * Klein Leunk * Klein Nagelvoort * Klein Nulend * Klein Nulent * Klein Robbenhaar * Klein Rot * kleine Schaars * Kleine Schaars * klein Snakenborg * Klein Snakenborg * Klein Snavelborg *

Klein Soetebier * Klein-Soetebier * Kleinelangeveldsloo * Kleine Rammelkamp * Kleine Snuverink * Kleine Stroek * Klein Tank * Kleine Toereers * Kleinlangegevelsloo * Kleinlangenhorst *  Klein Schiphorst * Kleinschiphorst * Klein Slaghekke * Klein Sprokkelhorst * Klein Swormink * Klein Zaaltink * Kleinzaaltink * Klein Zessink *

Kleipaste * Kloek * Klompalberts * Klomparends * Klompé * Klompenhouwer * Klompjan * Klompmaker * Klompstra * Kloosterboer * Kloprogge * Knoflook * Knol * (de) Koe en veel samenstellingen met 'koe' (o.a. Koebeer * Koebrugge * Koedam * Koedoder * Koedood/Koedoot * Koedijk * Koedijker * Koehoorn * Koehorst * Koeman * Koeiman * Koejemans * Koekkelkoren * Koemeester * Koemelker * Koeslag * Koestal * Koestapel * Koetje * Koevoet * Koeweide)

 

* Koekkelkoren * Komkommer * Komkommerman * Knoflook * Kokelkoren * Kooiker * Koolhoven * Koolma * Koolmoes * Koolstra * Kooltuin * Koornneef * Kooiker * Korenaar * Korenhof * Korenman * van de Korenmarkt * Korenromp * Korenstra * Korenwinder * Korrel * Kortekaas * Kortekool * Kotter (keuterboer) * Kotterik * Kraaijvanger * Kriek (kers) * Krootjes * Kruid * Kruitmoes * Kruiwagen * Kuiken * Kuilboer * Kuus (varken) * Kwaadgras * Kwakkelboer * Kweekman *

Lammerschaag * Lammerschop * Lamsvelt * Landbouwer * Landman * Landwaart * Laufkotter * Ledeboer * Leferink op Reinink * Leiseboer * Letteboer * Lievestroo * Loerakker * Loot * Lutjeboer * Lutje Farwick * Lutje Holzik * Lutje Hulsik * Lutje Spelberg * Lutje Wagelaar * Lutje Weldink * Lutjen Kossink (ook Lutjenkossink *

Lijnzaad * Maaiveld * Maaijer * Mateboer * Meent * Meierdrees * Melk * Melkenkoek * Melker * Melkert * Melkman * Melkpot * Melkstop * Meloen * Merriënboer * Mest * Moesman * Molkenboer * Morel * Mudde (mud, gewicht) * Nattekaas * Nieuwboer * van Nimmerdor * Noot * Notenbomer * Nijeboer * Nijenboer * 

Olde Banierink * Olde Benneker * Oldeboer * Olde Bolhaar * Olde Daalhuis * Olde Dubbelink * Olde Grunder * Olde Hanhoff * olde Hanhoff * Olde Hanter * olde Hanter * Olde Hensken * Olde Juninck * olde Juninck * Olde Kalter * Olde Keizer * Olde Kieverik * olde Kieverik * Olde Kleine Kavik * Olde Meijerink * Olde Rikkert * Olde Riekerink * Olde Scholtenhuis * olde Scholtenhuis * Olde Wieverink * Onderdenwijngaard * Onderstal * Ongerboer * Onkruijt * Ooft * Ooi * Op Heij * Opstal * Os * Ossebaard * Ossenblok * Ossendrijver * Ossenkoppele * Ossewaarde * Osseweijer *

Ouboter * Oude Aink * Oude Bolhaar * Oude Elferink * Oude Groen * Oude Groenerger * Oude Groeneveld * Oude Groeniger * Oude Grotebevelsborg * Oude Hendriksman * Oude Huikink * Oude Keizer * Oude Koehorst * + Oude Koehorst op Oude Kosterink * Oude Kotte * Oude Lage Venterink * Oude Lutkehuis * Oude Moleman * Oude Mulders * Oude Scholten * Oude Spekhorst * Oude Steenhof * Oude Voshaar *

Paanakker * Pachter * Pamboer * Peen * Peer * Peerdeman * Pelleboer * Peerenboom * Perk * Peul * Peulen * Peulken * Piekeboer * Pink * Pinksterboer * Plag * Pamboer * Plaggemars * van Plaggenhoef * Ploegmakers * Ploegsma * Ploegstra * Plugboer * Pluimgraaff * Plukker *


Polderboer * Pronkhorst * Pruimboom * Puul * van Puurveen * Raap * Radijs * Ram * Reuzel * Rietsnijder * Ripzaad * Ritstier * Rogge * Roggeband * Roggekamp * Roggema * Roggeveen * Roggeveld * Ruigentuin * Ruighaver * Rund * Runderkamp * Rundervoort * Rijkeboer * Rijploeg * Schaapherder * Schaaphok * Schaapman * de Schaapmeester * Schaapsmeerder * Schaapstal * Schaapveld * Schaapwol * Schapekop * Schapendonk * Schapevel * Schep * Schepel * Schoffelen * Scholten Linde * Scholtenlinde *

Schoof  * Schoonakker * Schultenjohann * Schuiteboer * Segboer * Sennekool * Sikkel * Sla * Slabbekoorn * Slikboer * Sneeboer * Soepboer * Sombogaart * Spelt * Spieker (hooiopslag) * Spitter * Spijkerboer * Stek * Stengel * Sterkeboer * Stier * Stoppel * Stroboer * Strobos * Trog * Stroo * Strooband * Stroobos * Stroosnijder * Tielboer * Tuinder * Tuinzaad *

Tulp * Turf * Turfboer * Tijman op Smijers * Uijenboer * Uitjes * Vaars * van der Vee * Veenboer * Veeneklaas * Veldboer * Velenturf * Velsterboer * Vennegoor op Nijhuis * Vers * Vlas * Vlasbloem * Vlaskamp * Vlaspolder * Vlastuin * Vlasveld * Voerknecht * Vogelvanger * Voorhoeve * Vroegindewei  en Vroeg in de Wei *

Waalboer * Waaleboer * Walenboer * Warmoesman * in de Weide * Weiland * Wensveen * Winterboer * Witlam * Wol * Wolfer op Veldmeijer * Wolffer op Veldmeijer * Worst * Wortel * Wortelboer * Woudboer * Wijnakker * Wijngaard * Wijnoogst * Wijnveen * Wijtboer * Zaad * Zaaiman * Zaayer * Zandboer * Zeeboer * Zeis * Ziekemeijer * Zielhorst * Zoetemelk * Zomervrucht * Zoutemelk * Zuurveen * Zwerink * Zwienenbarg.