Bijzondere Achternamen
'Digitaal Erfgoed'

Achternamen in Nederland met een aparte klank in 21 thema's. Een site voor een glimlach. Resultaat van jarenlang speuren, ook naar de geschiedenis van de familienaam. In 2021 staan er ruim 19.000 bijzondere namenjuweeltjes. En het onderzoek gaat door, want vooral bij deftige geslachtsnamen moet nog veel gebeuren. 

De site is door de Koninklijke Bibliotheek in 2019 opgenomen als digitaal erfgoed. Veilig bewaard als een stukje 'Nederlandse cultuur, geschiedenis en samenleving', wat me zeer vereert. Zie webarchief KB.

Beste bezoeker om je eigen naam, kijk even rond - je bent nu toch hier. Ik beloof je amusement!

dr. Geurt Hupkes



 

Inleiding:

Wat zijn kleine namen? - De naampiramide - Andere landen - 60 Jaar immigratie - Werkwijze - Nieuw op de site

 

Wat zijn kleine namen?

Al onze voorouders kozen ooit - soms met forse tegenzin - lang geleden een eigen achternaam. Als het nodig was, want in kleine gemeenschappen kende je elkaar bij de voornaam of een bijnaam. Je veranderden zo'n achternaam naar het uitkwam, totdat het in 1811 plotseling met die vrijheid totaal was gedaan. Deze website gaat ook over de geschiedenis van onze familienaamgeving.  

Nu is de achternaam waarmee je toevallig ter wereld komt bijzonder of gewoon. Dat ligt aan de aantallen. De grote namen laten ons tamelijk koud. Er is er altijd wel eentje in de media. Maar een kleine naam is anders: nog nooit van gehoord... typisch woord, waar kwamen die mensen vandaan en hoe kwamen ze aan zo'n naam? Puur emotie.

Bij dubbele namen alleen één deel van de naam

CONTACT:

Ben benieuwd naar mailtjes naar

hupkesg@xs4all.nl



Op een miezerige middag in oktober 2014 googelde ik uit verveling op ‘achternaam’ en vond de perfecte zoekmachine van het Meertens Instituut. Ik zocht op goed geluk ‘bonk’ in de Nederlandse Familienamenbank en vond Bonkestoter met 58 naamdragers. Probeerde ‘smal’ en kreeg Smallegoor met 135 personen. Ontdekte het geslacht Aalsvel met < 5 leden. Toen Schunk en Schnoor, Slom en Sloog en als klap op de vuurpijl Deug, Deun en Deul.  Om niet te spreken van Glimpel, Gloger en Glogger.  Had je nou toch ooit? Totaal nieuwe woorden, nietszeggende lettercombinaties maar heel gewoon in de dagelijkse omgang. Bij Loeps, Luif en Lunk was ik levenslang verkocht als liefhebber (was toen 87).

Serieuze verzamelwoede is niet te stillen, maar mijn verslaving is gelukkig gratis en gezond. Houdt je van de straat als vroeger postzegelen of voetbalplaatjes en nu sociale media, gamen en binge kijken. Met plezier om verrassende aanwinsten als Geilvoet, Poerstamper en Scharenguivel of Rijstenbil, Slettenhaar, Struikelblok en Windgassen. Om overdadige stapelingen als Oetgens van Waveren Pancras Clifford, van den Clooster Sloet tot Everlo en Schaper der Alderwereldt van Sint John. 

Met verbazing  over de wonderbaarlijke vindingrijkheid van naamgevers uit het diepe verleden, over hun sociale ijdelheid en hun familiale trots. Maar ook over de verlegenheid van eenvoudige mensen zonder familie- of bijnaam, die toen ze er in 1811 niet onderuit kwamen, hun voornaam Faas, Fabel en Faes of Taam, Taas en Taat, bij gebrek aan beter, als achternaam lieten inschrijven.


Dit alles in sterk contrast met de massale multinamen zonder bloedverwantschap tussen de soms enorme aantallen naamdragers. Zo tellen de zes topmulti's de Jong, Jansen, de Vries, van den Berg, van Dijk en Bakker samen al ruim 400.000 leden. Dat zijn minstens 400 aparte geslachten. Zo omvatten de honderd grootste namen rond 4,4 miljoen mensen, ofwel een derde van onze bevolking. We kennen allemaal mensen met zo’n multi. En maar sporadisch iemand met een bijzondere, soms eigenaardige of zelfs gênante naam. Herkennen van die interessante juweeltjes, daar gaat het hier om.


De naampiramide

Het aannemen van erfelijke achternamen begon in de middeleeuwen en werd in de verstedelijkte zeeprovincies Holland, Zeeland en Friesland vanaf de 16de eeuw algemener. Het verliep van stad naar platteland, van zuid naar noord en van de welvarende naar de minder welvarende inwoners. De Franse dictator stopte dit vrijblijvende proces in 1811 door iedereen een vaste  achternaam op te leggen. De vluchtige familienaam werd robuust en sterft alleen uit bij gebrek aan mannelijke nazaten. Achteraf kunnen we er blij mee zijn, want het behoedde ons voor de chaos (voor sabotage in 1811 zie /Ongunstig? en /Voornamen). 


Het namengebouw is een omgekeerde piramide. Expert Maarten van der Meer eindigt zijn top-100 van 2007 onderaan bij duizend leden. Ik nam dat getal over omdat je ergens een grens moet trekken tussen de multi’s - aparte geslachten met dezelfde achternaam - en de solo's  – waarin alle naamdragers bloedverwanten zijn. Het cijfer blijft een gok want er is geen echt onderzoek.


Onder die duizend naamdragers kun je nog indelen in namen met honderdtallen en echt kleine namen met tientallen leden. Er zijn ook nog de allerkleinste met < 5 personen en de uitgestorven, maar in 2007 door het Meertens nog met 0 overlevenden opgenomen, geslachten als reliek uit het jongste verleden. Ik schaar hier alles minder dan 1000 onder het verzamel-etiket kleine namen. Het hardnekkige monnikenwerk, van volgens mij hele generaties Amsterdamse werkstudenten, op de Meertens-bestanden is voor 1947 gebaseerd op de volkstelling van dat jaar en voor 2007 op de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA).

De aantallen naamdragers zijn hier, wanneer geen jaartal is genoemd, die van 2007.


Andere landen

Er is alle reden tot dankbaarheid aan het Meertens, want onderzoek op nationale schaal is heel schaars. In ons land zijn in 2007 ruim 314.000 achternamen genoteerd. In Duitsland lopen de schattingen uiteen van een half miljoen tot 800.000 en 1 miljoen. Zelfs dat laatste lijkt laag, gezien de vijf maal grotere bevolking dan de onze. De beroepsnaam Müller is met 600.00 de grootste multinaam -  waarvan de dragers niet allemaal bloedverwanten zijn - met Schmidt pal daarna. 

Voor Groot-Brittannië bestaat alleen een getalletje van 43.000 geslachten met > 100 naamdragers. Plus de toptien Smith, Jones, Williams, Brown, Taylor, Davies, Wilson, Evans, Thomas en Roberts. 

Het Franse aantal varieert van 200.000 tot 600.000, met als meest waarschijnlijke 300.000 namen.  De tien grootste multi's zijn Martin, Bernard, Thomas, Petit, Robert, Richard, Durand, Dubois, Moreau en Laurent.  Merkwaardig: zes van de tien zijn ook voornamen (hetzelfde verschijnsel als bij ons: men hoefde geen eigen achternaam en liet zich onder Napoleon maar inschrijven onder hun voornaam). Zulke lijsten van de tien, honderd of duizend meest voorkomende achternamen in een land bestaan trouwens overal en zijn op internet te vinden. Topje van de ijsberg.

Nu is detailonderzoek voor welvarend maar grote landen uiterst kostbaar en dus schaars: welk nut heeft zo'n leuk weetje? Gelukkig voor onze zuiderburen was het net als bij ons, uit louter dorst naar kennis, wel betaalbaar.  


In België bestonden in 1998 volgens de gemeentelijke bevolkingsregisters ruim 316.000 achternamen en in 2008 tegen de 516.000. De 200.000 nieuwkomers zijn ‘veelal buitenlanders die de migratie uit alle hoeken van de wereld weerspiegelen’. De Belgen genoten ook al zonder die instroming veel meer variatie dan wij. Eerder dan bij ons schiepen de verstedelijking met zijn vervreemding en de handel met zijn boekhouding de noodzaak van aparte achternamen. En bovendien speelt de drietaligheid een rol. De aantallen dragers van de meest voorkomende naam zijn illustratief:  32.000 Belgen heten Peeters tegen 86.000 Nederlanders de Jong. Waren de bevolkingen even groot, dan zouden er maar 48.000 Belgen Peeters heten, wat wijst op meer variatie daar.


Bij andere kleine Europese volkeren, zoals de Vikingse, bestond minder behoefte aan aparte familienamen omdat de verstedelijking daar laat begon, zodat het namenbestand in de Scandinavische naties nog steeds heel beperkt is. Zo heet 13 % van de Denen Jensen, Nielsen of Hansen, terwijl de zes Nederlandse toppers maar 2,5 % beslaan. Daarom mag men elke andere achternaam erbij doen of een nieuwe aannemen. Ook als die al bestaat, behalve als er minder dan 2000 naamdragers zijn. Maar bij de Han-Chinezen, die het met ca. 700 achternamen moeten doen, is het veel erger: Wang is de topmulti met meer dan 90 miljoen naamdragers!

De 329.000 IJslanders (ongeveer de bevolking van de stad Utrecht) leven zonder vaste familienaam maar met het achtervoegsel son of dottir achter de voornaam van hun vader - zoals bijv. de in ons land wonende Eiriksdottir Benedikz. Bij de Friezen bestond vroeger ook zoiets: Een zoon van Jelle Douwesz heette Douwe Jelleszn. En zijn dochter Grietje heette Grietje Jellesdogter.

Ook in Noorwegen zijn de regels soepel: de helft van de babie's krijgt daar direct een dubbele achternaam – vaak Hansen Olsen of Olsen Hansen. In Zweden gebeuren zelfs geregeld vervelende persoonsverwisselingen tussen mensen met dezelfde voor- en achternaam plus geboortedatum! De overheid beveelt dus naamverandering hartelijk aan.


60 Jaar immigratie

De enorme, onvoorstelbare, toeneming in ons land in 60 jaar met 189.000 namen, van 125.000 in 1947 tot 314.000 in 2007, is haast geheel veroorzaakt door ingekomen migranten en hun nageslacht. Het gaat tot nu toe vooral om heel kleine families of eenlingen. Wel ontstonden er al enkele multi’s als Ahmed, Ali, Mohamed, Nguyen en Yilmas -  vooral van Turkse of Marokkaanse herkomst. Deze Nederlanders werden niet bij dit onderzoek betrokken wegens onbegonnen werk en mijn onwetendheid van hun talen (zie voor de curiositeit /Deftigheid/ Arabische meganamen)


Sommige geselecteerde namen zijn niet duidelijk te onderscheiden van een betekenis in een andere taal. Het namenbestand globaliseert nu heel snel, maar bij ons was dat al heel lang aan de gang. In de Gouden eeuw van onze welvarende handelsrepubliek was de helft van de Amsterdammers allochtoon en van de blijvers zijn we niet slechter geworden. Toch?


In 1947 waren 25.000 van de 125.000 namen of eentje op vijf van buitenlandse oorsprong. Daarvan waren er 3.000 aan onze taal aangepast vóór de invoering in 1811 van de Napoleontische Burgerlijke Stand. Met verplichte opgave van geboorte, overlijden, huwelijk en scheiding plus voor naamwijziging toestemming van de overheid. De andere 22.000 buitenlandse naamdragers bleven in de taal van herkomst bestaan, tenzij ze uitstierven of emigreerden. Ze werden uiteraard aangevuld met nieuwkomers. Zie verder onder /Naaste buren.


Werkwijze

Mijn doel is de opsporing van kleine namen met een aparte klank. Ze zijn gelijk aan een woord in onze hedendaagse taal met een andere betekenis  of daarentegen een combinatie van letters zonder enige andere betekenis dan die van een eigen familienaam. Die namen deelde ik naar mijn smaak in thema's in om enige orde te scheppen in het onuitputtelijke Meertens-bestand. Wat een breder panorama biedt dan de traditionele indeling in afstamming, beroep, bijnaam, eigenschap, geografie en status. Mijn thema's geven ook inzicht in de historie van het aannemen van een achternaam.


Systematisch zoeken van A tot Z in de perfecte, gewillige zoekmachine van het Meertens - nu in de collectie van het CBG Centrum voor Familiegeschiedenis (cbgfamilienamen.nl) - is onmogelijk. Ik ben van 1928 en weet niet hoeveel tijd ik nog heb. Dus is er een fanatieke op z’n janboerenfluitjes beoefende hobby, met enthousiaste assistentie van mijn lieve Carla, volijverige webmaster zoon Marco en welkome respondenten op persartikels of na zoeken op de site. Plus mijn fantasie, het dagelijks nieuws, familieadvertenties, diverse boeken en online media, zie /Bronnen.

Het startte als hengelen in de namen-oceaan maar werd vissen met het schepnet na  de keuze van de 21 thema’s. Geen pretentie tot objectiviteit: ik koos ze zelf. Jammer, maar er bleef een ongesorteerd restant aan klankjuweeltjes over. Het onderzoek wordt nog bijna dagelijks voortgezet. De allermooiste vondst is voor mij Roosgeurius - afgeleid van Rozengeur? Nummer twee is Zeeboer - een geheimzinnig beroep. Kleinleugenmors, Plukkeroos en Gerrits bijgenaamd Pik zijn fijn. En de dubbele namen Bruintjes Kruitmoes, Eedel Bloedt, Heer Kloots, Heere Gnade en de Twentse boerennaam Oude Grote Bevelsborg. Plus de vreemde familie Niemand genannt Brev. En de kolossale de Preud'homme d'Hailly de Nieuport.  Ik zou zeggen, ga 'ns rondsnuffelen - na de check natuurlijk of je er zelf al in staat.

Nieuw op de site

De kijkcijfers zijn al jaren gemiddeld 20 per dag.  /Deftigheid is vaak nummer één. Daar zijn onderscheiden de nieuwe dubbele namen uit de wettige adoptie van een extra achternaam, wat steeds doorgaat. Met daarnaast het zogeheten patriciaat, gebaseerd op vroeger bereikt en erkend openbaar aanzien. Deze splitsing is, voor zover mij bekend, niet eerder gepubliceerd. En zeker niet online.  Wordt continu aangevuld - blijf dus kijken! 

Nu zijn nieuwe dubbele namen vaak heel klein en duren bij karige mannelijke voortplanting soms maar een paar generaties. Dan ontbreekt daardoor alleen al de fraaie genealogische historie, nodig voor presentatie in het prestigieuze blauwe boekje. Zo winnen de dubbele nieuwkomers gestaag in aantal op de gearriveerde deftigen. 

Er was tot nu toe geen lijst met gelijkluidende namen van joodse en niet-joodse mensen.  Met bovendien de aantallen mensen met zo'n achternaam en die van dezelfde aangenomen naam. Meestal zijn dat kleine families. Zie /Gemengd joods. Hoog in de kijkcijfers. Wordt aangevuld.

Nieuw is verder de ontsluiting van de omvangrijke latiniseringsgolf  ter verdeftiging van oergermaanse achternamen door de hoogopgeleide elite van toen. Het ging om een suggestief etiket voor dienstverlenende afgestudeerden en soms bovendien om aan de eenvoudige herkomst van de familie te ontsnappen. Als de oorspronkelijke naam nog bestaat is die voor de nieuwe vermeld. Zie /Gouden Eeuw.

Ook nieuw is de ontsluiting van familienamen van vrijgemaakte Surinaamse mensen na de wet van 1863. Met interessante verzonnen letterconstructies, want bestaande namen waren verboden. Hier ook guitige uitgestorven achternamen. Zie /Eigendunk en Suri.

Verder verrast de onverwachte veelheid van achternamen gelijkluidend aan historische of nog gangbare voornamen in /Voornamen. Er werden ook voornamen van vrouwen familienamen.

Het enorme aantal vernederlandste familienamen door geslaagde Duitse, Franse en Britse immigranten valt op. Als de oorspronkelijke naam ook in ons land bestaat is die bij de nieuwe vermeld. Zo veranderde Abendroth in Aptroot, Drenkhaen in Drektraan en Zaunbrecher in Toenbreker. 'd Armandville werd Darmenveil, Bluteau werd Bulteel en Buissant Buishand. Abercromby is Apekrom, Bunskock is Bunskoek en Untied werd Ontijt. Zie /Naaste buren.

En vanzelfsprekend blijven de ernstige of onschuldige 'schaamnamen' in /Ongunstig? een amusante bron van verwondering. Sommige werden na toestemming van de Staat verwisseld voor betere en zijn dan beide vermeld. Maar gelukkig ervaren veel families weinig ongemak van hun overgeleverde maar toch wat rare naam. Zie ook /Bargoense achternamen.

                                          copyright G. Hupkes 2014 - 2021