Bijzondere Achternamen
'Digitaal Erfgoed'

 

 


De klassieken nagebootst. Latijnse namen zonder afkomstige naam. Onze lijst

Vier eeuwen geleden waren we per hoofd de rijkste natie ter wereld. Dus stroomden er massaal gelukzoekers in. Vooral Holland (Noord en Zuid) lokte honderdduizenden immigranten – meest uit Vlaanderen, Duitsland, Frankrijk en Engeland, ook uit Portugal, Spanje en van verder weg. Ook om hun protestante of joodse geloof uitgewekenen die hun eigen negotie meebrachten en zich vooral in Amsterdam ontplooiden.

En veel gastarbeiders. Dagloners of tijdelijke contractanten, die uit naburige Duitse gewesten kwamen aanlopen voor de oogst - de hannekemaaiers.  Of werkten in de nijverheid, de koopvaardij, het leger en de marine. Ook in persoonlijke diensten en andere minne baantjes waar de wegens bakstenen huizen 'steenrijk' genoemde Hollanders (toen al) de neus voor optrokken. Ze sneuvelden in onze talrijke oorlogen ter zee en te land, stierven aan boord of na een maandenlange reis aan scheurbuik of een gemene tropische ziekte in Java. De in onze tolerante republiek met zijn snel groeiende steden ingeburgerde blijvers huwden vaak lokale jongedochters en stichtten een gezin. Zie /Naaste buren voor vernederlandste namen.


Helaas ontbreken tegenwoordig veel namen uit onze geschiedenis. Zoals van theoloog Jacobus Arminius (< van Harmenz), twistend met Franciscus Gomaris (< van Gommer), schoolmeester Willem Bartjens, hoogleraar geneeskunst Hermanus Boerhaave, veelzijdig intellectueel Dirck Volkertsz. Coornhert, droogmaakingenieur Nicolaus Cruquius (< Nicolaas Kruik), onderzeebootbouwer Cornelis Drebbel, jurist Hugo Grotius, klokkengieter Pierre Hemony, Bredase veerman Jan Koppelstok, watergeuskapiteins Willem Lumey en Diederik Sonoy, microscoopmaker Antoni van Leeuwenhoek. Wiskundige Willebrord Snellius.

En gouverneur-generaal VOC Joan Maetsuycker, staatsman Johan van Oldenbarnevelt, atlasmaker Gerard Mercator, beeldhouwer Artus Quellinus, kunstschilders Hendrick Goltzius, Jan van Scorel en Pieter Saenredam, wetenschapper Simon Stevin, gouverneur van Nieuw-Amsterdam Peter Stuyvesant, bioloog Jan Swammerdam. Ook de familienamen van het opzichtig rijke, door Rembrandt ten voeten uit vereeuwigde , prille Amsterdamse echtpaar Oopjen Coppit en Maarten Soolmans stierven uit. Enzovoort. Aparte achternamen waren toen even vergankelijk als nu.



Van admiraal Michiel de Ruijter bestaan geen mannelijke afstammelingen meer. Wel draagt de familie Bestevaer (<5) nog zijn erenaam in de marine. En ondanks 5.577 naamgenoten Tromp is de stamboom van de vlootvoogden Maarten en Cornelis doodgebloed. Een andere overgebleven multinaam is die van de schilder Jan Steen (1.410). En er is nu een basisschooldocent Rembrand van Rijn - geen familie van, maar zijn kunstzinnige moeder vond het de perfecte combinatie. Wel moet hij het steeds uitleggen - zou hij dat stiekum leuk vinden? Ook de naam Banninck Cocq van de Nachtwachtcommandant stierf uit.


Er zijn ook overlevers. Vaak in het kritieke stadium, zoals poldermaker Jan Adriaansz Leeghwater met in 1947 nog drie en in 2007 nul naamdragers. Die van uitvinder van de microscoop Antonie van Leeuwenhoek is pas verdwenen. De heldhaftige Jan van Schaffelaar, die van de Barneveldse kerktoren sprong om zich niet aan de vijand over te geven, telt nu 41 nakomelingen. Onze nationale dichter Joost van den Vondel (een vondeling?) heeft nog < 5 nazaten, evenals schilder Gabriël Metsu. Componisten Adriaen Valerius 83, Cornelis Schuyt 49 en Jan Pietersz. Sweelinck. Boekdrukker Christoffel Plantijn 80. De Rotterdamse wijsgeer Gerrit Gerritszoon noemde zich Desiderius Erasmus ('gewenste geliefde'). En een geleerde Goudse monnik koos de naam Aurelius - aura voor goud in het latijn.

Namen waar ‘ae’ in voorkomt en/of eindigen met ‘ckx’ wijzen op Vlamingen, om vervolging wegens opstandig protestants geloof naar onze zeeprovincies gemigreerd - meest naar Amsterdam. Gelukkig inclusief hun overzees handelsnetwerk.


Het geringe aantal van 25.000 buitenlandse namen in 1947 wijst, behalve op naamaanpassing, op het vaak uitsterven van kleine geslachten door overlijden of definitief vertrek naar elders. Daarnaast stroomden er vlak na WO II weinig gastarbeiders, politieke vluchtelingen, immigranten en expats in. Nu is er massale globalisering.


Het eigen lijstje bestaat uit figuren uit de tachtigjarige oorlog, en soms eerder of later, van o.a. architecten, geleerden, ingenieurs, kerkelijke voorgangers, kooplieden, kunstenaars (meestal schilders, zoals Adriaan van Ostade met 54 nazaten), militairen, notabelen, ontdekkingsreizigers, politici, regenten en staatslieden. Zelfs de filosoof Baruch Spinoza met in 1947 nog één naamgenoot. Hoogleraar wijsbegeerte Kaspar van Baerle (nu <5) noemde zich Casparus Barlaeus (0) * Wiskundige Willebrand Snel van Royen (0) werd Snellius. Kortom, de spraakmakende elite waar historici van nu over schrijven.

Verder hebben we Bontekoe (521) met als voorvader stoutmoedig ontdekker Willem Ysbrantz Bontekoe. En Tasman (7) als nazaten van naamgever van Tasmanië Abel Tasman in 1642. Ook Ripperda (46) met voorvader Wigbolt Ripperda, taaie  verdediger van Haarlem tegen de Spanjaarden in 1573 en na de overgave onthoofd. Van de heldin daar op de wallen Kenau Simonsdochter Hasselaer is de naam verdwenen.


De klassieken nagebootst

Opvallend zijn de latiniseringen en vergrieksingen in die tijd. Je deed de Latijnse School, als kostbare middelbare opleiding uitsluitend toegankelijk voor jongelieden uit de hoogste standen en de gegoede burgerij. Je studeerde dan aan de universiteit te Leiden, Groningen, Franeker, Utrecht of Harderwijk. Ook aan de hogeschool te Amsterdam of een aloude Franse of Italiaanse universiteit als pa het kon betalen - de taal was geen probleem want de colleges waren in het latijn en de examens ook. Geen wonder dat je dan je naam als professional aanpaste. Zo maakte je bovendien goede sier. Een bewust afscheid van de aloude familienaam ter entree in de betere kringen. Ik had mezelf dan Hupkius of Hupkesius genoemd en als ik uit het noorden des lands was Hupkeeus - wat nog vreemder klinkt.

In de 15de en 16de eeuw waren zulke naamveranderingen in Europa niet ongebruikelijk. Geleerden correspondeerde internationaal immers in het latijn. Er zijn Duitse, Vlaamse, Franse, Britse, Italiaanse, Zweedse en Poolse voorbeelden. Zo werd de Pool Nicolaus Koppernigk Copernicus * De monnik Johannes Stroeve noemde zich Placentius: struif is placenta in het latijn * Een van Lankveld werd Macropedius: lang veld in het grieks * En een van den Bosch noemde zich Hylocomius: met woud begroeid in het grieks * Arents werd Aquilius.




Volgens het Meertens zijn er bij ons ooit ongeveer 1.500 namen gelatiniseerd en 100 vergriekst - veel ervan uitgestorven. Een totaal van één per duizend van de ca. 1,5 miljoen inwoners van de republiek. Voor artsen, hoogleraren, juristen, predikanten, wetenschappers en andere afgestudeerden welhaast een verplicht nummer. Als etiket van hun solide geleerdheid. Of een streven naar 'stand' van geslaagde ondernemers.

Je gaf je visitekaartje s' middags op de wekelijkse jour van mevrouw aan de gedienstige bij de voordeur af.  En dan werd je ontvangen of niet - misschien als mogelijke huwelijkskandidaat voor een dochter? Notabiliteit was in de standenmaatschappij heel belangrijk en subtiel van oordeel. De dame des huizes besliste, bij twijfel na informatie uit eigen kring en met manlief, of men zo iemand ontving. Presentabel uiterlijk, uitspraak, update kledij, manieren en onderhoudend gesprek was handig. En alsteblief: van goeje famielje. Anders eenmalige entree en dan weigering van kaartje aan de deur. Nu bepaalt dochterlief zelf wel welk vriendje ze bij ma en pa uitnodigt, en evt. op haar kamer overnacht.


De naamkundigen Ten Houte de Lange en De Jonge registreerden in Het Dubbele Namenboek de omzettingen naar het Oud-Grieks. Veelal in Friesland en Groningen  na universitaire studie in Franeker of Groningen. Aangevuld met eigen onderzoek en gecheckt op voortbestaan anno 2007 hier een selectie:


Andrae * Aenea Venema * Antonides * Aronds = Arondeus * Amour = Amoureus * Bacchus * van Baarle = Barleeus * Baelde = Baldeus * Bense = Benzonides * Bodewes = Bodeus * Bodde = Boddeus * Bouides * Bolander * Calander * Casander * Cerneus * de Lezenne Coulander * Cunaeus * Cuneus * Ennaeus * Felius (zoon)  = Feleus * Feeleus * van der Willigen = Gadsonides (omgezet van Gatses) * 

Haje = Hajonides * Hermans = Hermanides * Hornes = Horneus * Hyle/Hilarius = Hylarides * Leander * Lones = Loneus * Maccander * Mallander * Mamadeus * Mammadeus * Mateus * Mense = Mensonides * Neumann = Neander * Oneides * Pelizaeus * Peters = Petrejus/Petraeus * Remeysen = Remeeus * Simonis = Simonides * Sonius = Soonieus * Spier = Spierieus * Boogman = Toxopeus * van de Water = Hydoraeus * IJnse = IJnsonides * Ypeij * Zethreus.


Soms zijn lang geleden omzettingen naar het Latijn (met een slag om de arm) aantoonbaar, want beide versies bestaan nog steeds. Eén van de familietakken zette zich dan af tegen de rest. En de volgende academicus moest iets anders kiezen - hier aangegeven met /

Adams = Adamus * Adriaan = Adrianus * van Agt = van Agtus * Aising = Aizonius * van Akkrum = Akronius/Accronius  * Albus = Albinus * Allon = Allonsius * van Althuis = Althuisius * Angus = Angius * Appel = Appelius * Arends = Aquilius * Arentzen = Arntzenius * Arnt = Arntzen = Arntzenius * Arons = Aronius * Baureijs = Bauritius * Baven = Bavius * Beeksma = Bekius * Beetz = Beetzius *

Bergander = Bergansius * Berghaan = Berghansius * Bil = Bilius * Blaas = Blasius * Bleek = Torrentinus * Bockstael = Boekstal * Bodde = Boddeus * Blokker = Blokkerus * Boding = Bodingius * Bol = Bolenius * Bols = Bolsius * Bolijn = Bolenius * Bontjes = Bontius * Bonus = Bonius * Boom = Bomius * Boonaerts = Bonarius * Boots = Boëtius * Boret = Boretius * Borg/Borges/Borgees = Borgesius * Bores/Boreas = Borrius * Borghgraef = Borggreve *


Bors = Borsius * Bote = Boëtius * Bour/Bourik = Bouricius/Bouritius * Bouwer = Bouricius * Bovens = Bovenius * Braun = Braunius * Breed = Bredius * Brix = Brixius * Bron = Bronius * Brood = Panis (?) * Broos = Brosius/Ambrosius * Brouwer = Brouwerus * Brouwhuis = Bruhezius * Bruin = Bruinius/Bruinisius * Bruynes = Bruynius * Budding = Boddingius * Bussen = Bussenius *

Cankrien = Cancrinus * Carbaat/Karbaat = Carbasius * Caris = Carius/Charisius *  Casie = Casius * Caupain = Copijn * Christiaans = Christianus * Claus = Claudius * Cnoops = Cnopius * Cohen = Cohensius * Compaan = Companus * Cordes = Cordesius * Cornelis = Cornelius * Corst/Corsten = Corstius * van Corswarem = Korswagen * Coster = Costeris/Costerus * Cramer = Cramerus * Cremer = Cremerius * Croll = Crollius * Crutzen = Crutzius * Curth = Curtius *

Daris = Darius * Dell = Dellius * Deutgen = Duitgenius * Deijl = Deijlius * Dillen = Dillenius * Dinjens = Dinius/Dillenius * Dinkgreve = Dinckgreve * Dion = Dionisius * Doeve/Doove  = Dovianus * Dolijn = Dolenius * Doomernik = Dominicus * Don = Donius * Dories = Dorrius * Ducaat = Ducardus * Duit/Duitgen = Duitgenius * Elens = Elenius * Elsenaar (Schoenmaker) = Elsnerus * Emme = Emmius * Entjes = Entius * Eras = Erasmus * van Erkom = van Erpecum * Essen = Essenius * Everhard = Everardus * Eijfferts = Eijffius * Faverey = Faverus * Fercken = Ferkenius * Fiegel = Vigelius *  Flanderhijn  = Vlaanderen * Fontijn = Fontanus * Fritz = Fritzius * 


* Gebert = Geberius * Genis = Genius * George = Georgius * Gerbrands = Gerbrandy * Germans = Germanus * Gerson = Gersonius * Giskes = Gisius * Glas = Glasius * Glorie = Glorius * Glijm = Glijmius * Gobets = Gobius * Goebert = Goebertus * Goedel = Gaudesius * Gombert = Gomarus * Goris = Gorius * Grent = Grentzius * Grim = Grimmius * Grimmelt = Grimmius/Grimmelius * de Groot = Grotius *

Hagen = Hagenius * Hagting = Hagtenius * Hajen = Hajenius * Halbard = Albartus * Havenaar = Avenarius * Hees = Hesius/Heezius * Heida = Heidanus * Heins = Heinsius/Heynsius (een takje overtroefde dat met Gueinsius)Heleenders = Helenius * Hempen = Hempenius * Heshuijsen = Heshusius * Hessel = Hesselius * van Hille/Hillenius = Hillenius * Hoden = Hodenius * Hof = Hoffius/Hovius * Holt = Holtus/Hautus * Holties = Holtius * Hopper = Hopperus * van Hove/Hovis = Hovius *

Jansen = Jansonius * Janssen = Janssonius * Jensen = Jensenius * Jochems = Jochemus * Joncheere = Jongcherius * Jongert = Jongerius * de Jongste = Junius * Julius = Julianus * Junger = Jungerius * Jurres = Jurrius * Just = Justus * Kaal = Calvis * Kaas = Kasius/Kazius/Casius * Kaasenbrood = de Casembroot * Kanis = Canisius * Kardol = Kardolus * Kattestaart = Cattenstart * Keller = Cellarius * Keuch = Keuchenius * Kissels = Kisselius * Kliphuis = Klippus * Knoops = Cnoops = Cnopius * Knotter/Knötter = Knottnerus * Koch = Cochius/Kochius * Koppes = Koppius *


Koet = Avis/Aafjes * Koppies = Koppius * Kornelis = Kornelius * Kors = Corsius/Corstius * Korsel = Korzelius * Korving = Korvinus * Kraamwinkel = Cramwinckel * Kraus = Crusius * Ketting = Quetting * Krings = Quaring * Krist = Cristerius * Kruk/Kruik = Crucq * Krutzen = Crusius * Kuiper/Cuyper = Cuperus/Couperus * Kwaaitaal = Quaijtaal * Kwaak = Quaak * Kwak = Quak * Kwaks = Quax * Kwast = Quast * Kwint = Quint/Quintus/Quintius * Kwist = Quist * Ladee = Ladenius * Lantz = Lantzius * Leijs = Leijssius * Lievense = Livius (sic)  * Lindenhof = Lindenhovius * Ling = Lingius * Lips = Lipsius * Lodder = Lodderus * Loof = Lovius * Loor = Lorius * Lucas = Lusasius * Lutz = Lucius *

Maes = Masius * van Mannekus = van Mancius * Marius = Smarius * Markwat = Marquart * Matthes = Matthesius * Melis = Melius/Milius/Mylius * Meljes = Mellius * Mevis = Mevius * Misérus = Miserius * Möbius = Mebius * Monheim = Monhemius * Montaan = Montanus * Naethuijs = Nathusius * Nip = Nipius * Nipper = Nipperus/Nepperus * Niks = Nix * Noltee/Nolten = Nolthenius * Noorda = Noordanus * Noot = Nota * Oden = Odenius * Odin = Hodinius * Oele = Oelius *

Paris = Parisius * Persoon = Personius = Perizonius * Pertijs = Parthesius * Piper = Pipardus (?) * Pisters/Pistoor = Pistorius * Ples/du Plessis = Plessius * Poppe = Poppijus  * Pors = Porsius/Porssius * Postmus = Posthumus * Praet = Praethorius * de Preter = Pretorius * Profijt = Prophitius * Pufkus = Puffius * Quint = Quintus *

Raad/Radijs = Radius * Rabe = Rabius * Rebel = Rebelius/Rebellius * Redding = Reddingius * Reefs = Revis/Revius * Rees = Resius * Regnier = Regnerus * Remie = Remius * Remmig = Remigius * Remus = Remius * Reppel = Repelius * Rhodes = Rhodius * Ribbes = Ribbius * Richard = Richardus * Robel = Robelus * Roep = Roepius * Roldaan = Roldanus * Ros = Rossius * Ruighaver = Ruychaver * Rump = Rumpius * Rus = Rusius/Ruzius * Sagis = Sagius * Samel = Samelius * Sammel = Sammelius * Samplon = Samplonius * Sander = Sanderus * Sassen = Sassenius *


Scharis = Charisius * Scheid = Scheidius * Schell = Schellius * Scheltens = Scheltonius * Schenk = Schenkius * Scherp = Scherpius * Schipper = Schipperus * Segers = Segerius * Scholte = Scholtanus * Scholtes = Scholtus/Scholtius * Schomers = Schomerus * van Schooten = Schotanus * Schraver = Schraverus * Schrevel = Schrevelius/Schrewelius * Seger = Segerius * Sens = Senstius * Servaas = Servatius * Severs = Severius * Sieljes = Sillius * Silvis = Silvius * Simons = Simonis * Slaat = Slatius *

Slater = Slaterus * Soons/Zoon = Sonius * Speek = Specovius * Speets = Speetsius * Spier = Spierius * Staats = Statius * Stampaert/Stamper/Stamps = Stamperius * Staphorst = Staphorsius * Staphout = Staphorius * Stavast = Stavasius/Staphorsius *  * van Staveren = Stavorinus * Steffers = Steffarius * Stephan = Stephanus * Stoffer = Stofferis/Stofferinus * Stoof/Stove = Stovius * Stomp = Stumphius * van Straten = Stratenus * Stuifzand = Stuyvesant * Sutor (schoenmaker) = Sutorius *

Tammer = Tamerus * Tant = Tantius * Thomas = Thomasius *  Tibbert = Tiberius * van Tiel = Tilanus * Tjallings = Tjallingii * Tomberg = Thombergius * Torenbeek = Thorbecke * Urban = Urbanus * Verweel = Verwelius * Vledder = Fledderus * Voets = Voetius * Vorst = Vorstius * Vos = Vossius * de Vries = Frisius * Walvis = Walvius * Werges = Wergius * Wessels = Wesselius/Wiselius  * Wigbout = Wibaut * Winkens = Winkenius * van Winsum = Winsemius * Wolves = Wolvius * Zeger = Zegerius/Zeguers * Zelvers/Zelvis = Zelvius * Zipp = Zippelius  * Zoon = Sonius.


Naast zulke gemakkelijke aanpassingen zijn er ook regelrechte vertalingen: Agricola (nu 382) en Rusticus (142) komen van Boer, Bouman, Bouwman of Huisman * Aquarius (92) komt van Waterman (542) * de Beer en Bernhard werden Ursinus (197) * van den Berg werd Montanus * Boogman (47) werd Toxopeus (395) * van der Ligt werd Lucius * de Jongste werd Junius (18) * Kremer (3.537) soms Mercator * de topmulti de Jong (86.534) in enkele elitaire geslachten Jongerius (1.250) * Evenzo werd Bakker soms Pistor (13) of Bakkerus * Seltenrijch werd Zeldenrijk * IJzerman = Siderius (metaalbewerker).

Dat het zo weinig gebeurde toen de overheid een achternaam nog als particulier domein zag, betekent dat een aparte familienaam de gewone Nederlander toen nauwelijks interesseerde. En ook dat standsverschil de omzetting afremde, plus respect voor je voorouders.  Van de Groot (36.032) werd maar een fractie Magnus (34) en ook Grotius (0) * de Hond (403) werd Kanis (750) of Canisius (155) * Neumann = Neander * een geslaagde ambachtsman Bakker (nu 55.273) werd Pistorius (344) * een gezeten Kramer (13.188) werd Mercator (0) * een luxe Schoenmaker (2.221) werd Sutorius (74) * de modieuze kleermaker Snijders (8.116) noemde zich Sartorius  (59) * een toptimmerman Timmers (4.288) = Fabritius (19) * van de Water (2.265) werd Hydoreus (0) * de Wit = Albinus * Zeilmaker = Velius * Zegers = Zegerius.


Er zijn zelfs 6.783 naamdragers Faber, een aanzienlijke omzetting van Smid(s/t) met nu 28.134 * Een familietak Tuinman (nu 814) noemde zich Hortensius (278) en andere kozen Hortulanus (58) en Gardenier (413) * een belangrijke Kuiper (13.941) werd Viëtor (129) of Couperus (417) * een binnengevarende Schipper (10.784) werd de multi Nauta (2.802) * een goed boerende van de Velde (11.348) werd Campanus (0) * Zelle = Cellarius (23) * een tak IJzerman (1.120) heette voortaan Siderius (394) en Huntjens (1.195) = Canisius (155) * Vrijfpenninck werd vrij vertaald als Terenummus (0) * van der Bruggen en ook Dupont werden Pontanus * Praetorius (< 5) komt van een jongeman Schulte die predikant werd en zijn naam krakkemikkig latiniseerde * Albus is mogelijk van de Wit.

Er was ook de Vlaamse predikant Platevoet (platvoet), als betrouwbare kaartenmaker en - drukker Plancius (17) in Amsterdam beroemd - de avontuurlijke Hollanders wilden toch graag weten hoe te varen voor negotie in de rest van de wereld * de Enkhuizense stadsarts en oprichter van een rariteitenkabinet Berent ten Broecke, die in Padua had gestudeerd, noemde zich Bernardus Paludanus (132) * waarom de familie van den Bleeck (0) de naam Torrentinus (0) aannam is onduidelijk - maar chique klonk het zeker.

Vond je dat je niet voor schut ging, dan deed je het gewoon - overigens ook elders in Europa, bijv. in Zweden en Duitsland. Een tak Naaktgeboren (nu 618) werd Posthumus (nu 2.419), omdat de naam zou zijn verbasterd uit Nachgeboren - de laatste van een tweeling bij de bevalling. Of een kind dat meer dan negen maanden na de dood van de echtgenoot bij een weduwe ter wereld kwam (!)

Latijnse namen zonder naam van afkomst

Van sommige latijnse namen is de naam van afkomst verdwenen. Andere zijn niet verdeftigd maar origineel en kregen een #.

Ambrosius * Apallius * Baelus * Barleeus * Bocatius * Boddius * Bonus # * Bothenius * Bouiius * Bovenius * Brozius * Brunnarius * Brusus * Busenius * Cadovius * Casparius * Catenius * Cazius * Charizius * Chelius * Chorus * Cadovius * Casparius * Catenius * Cazius * Charizius * Chelius * Chorus # * Christerus * Clausius * Comvalius * Confurius * Corjanus # * Corpus # * Corzilius * Cruzius * Curtius * Domus # * Dixius * Edcius * Eustatius * Eutropius * Exaltus # * Fabritius * Falenius * Felius * Fidecius * Filius # * Fimerius * Florianus * Ganicius * Germanus # * Gisius * Gobius * Gomarus # *

Greidanus * Grimelius * Gronovius * Grotsius * Grudius * Hanelius * Hilarius * Horrius * Horsius * Horssius * Hortus # * Karzelius * Kinzius * Labordus # * Legius * Lesius * Lotichius * Maximus # * Michanius * Milius * Miserius * Olmius * Oremus # * Osephius * Parelius * Parisius * Pollius * Propitius * Roosgeurius * Rijzemus * Salpius * Salverius * Schregardus * Schrewelius * Selvius * Servinus # * Silvius * Smedius * Sparrius * Stavasius * Stumphius * Terium * Tiberius # * Torsius * Urbanus # * Urbis # * Valerianus # * Valius * Venerius * Verdenius * Visarius * Vissius * Wadenius * Warffemius * Zweerus *

Onze lijst

Uitgestorven gelatiniseerde namen

Kleine familienamen leven vaak maar een paar generaties. Enkele voorbeelden: Aurelius * Baudartius * Bornius * Borstius * Burgius * Gysius * Gijsius * Historicus * Hulsius * Lamotius * Lapenus * Lydius * Pantanus * Poppius * Schookius * Scriverius * Stangerius * Vlietius * Warleus *

Andere namen uit de Gouden Eeuw

Wij herkenden die namen, waarbij de periode Gouden Eeuw breed is gemeten, in eigen bronnen of aan de toelichting oude spelling in cbgfamiliebank.nl. De namen beginnend met Q , ook vaak  van oude spelling, zijn verzameld bij /Klankrijk van A tot Z. Voor dubbele namen zie Deftig/Dubbele namen en /Patriciaat. Van de met 'ckx' echt  Vlaams klinkende namen is helaas niet bekend of ze ingeburgerd dan wel tijdelijke expat zijn, maar ik denk meestal het eerste. Allemaal families die trots hun oude naam voeren.

Aangenendt * Aaij * Aengenheyster * Aers * Abcarius * Acampo * Ackx * Aeberhardt * Aelbrecht * Aelvoet * Agenant * Aeukens * Agterbosch * Agtereek *  Alderliefsten * Aldewereldt * Allblackx * Allebé * van Appeltere * Asche * Aspeslagh * van Avermaete *

Baartscheer * Backer * Baeck * Baede * Baelemans * de Baerdemaeker * van Baerle * Baert * Ballendux * van Ballaert * van Ballegooijen * Balmaekers * Bankert * Barbas * Barentz * Bas * Bastinck * Beddegenoodts * Beerensteyn * Beerentemfel * Beerewout * Beirlant * Bekaert  * Bentinck * van Berck * Berckmoes * van den Berghaage * Berlage * Besooijen * Bestebreurtje * Bestevaer * van Beuningen * Bewaerheijt * Beijaert * Bicker * Biesbroeck *

Binck * Blaaubeen * Blaauboer * Blaauwgeers * Blaauwendraat * Blaecke * Blancquaert * Blazius * Bleekemolen * Blommaert * Blondeel * van Bockstaele * Bodaert * Boeckx * Bogaert * Bokx * Bollaert * Bolluyt * Bommesijn * Boonacker * Boonefaas * Borgh * agter den Bosch * Boschhakker * Bosscha * Bosschaert * Boterkooper * Botha * Botschuyver * Bottelier * Bouwknegt * Boxhoorn *


Braakensiek * Brackx * van Braekel * de Braekeleer * Braeken * Braeckmans * Braem * Brakenhoff * Bramervaer * Brandligt Zonligt * Brandwagt * Brant * Braspenninckx * Braxhoofde * Breddels * Bredero * Brenneraedts * Brill * Broeckmans * Bronzwaer * Broxks * Broekaert * Broeyer * Brooshooft * Bruys * Bruyndonckx * Bruyninckx * Bruijnooge * van Bruijnzwaardt * Bugter * Bullerdieck * Burghgraaff * Butterhoff * Buyckx * Buijsschaert * Bijdevaate * van Bijlert * Bijnagte * Bijns *

Caasenbrood * Cacquelein * Caers * Caland * Caljouw * Calkoen * Callemeyn * Callewaert * de Caluwe * Calvis * Camper * Camijn * Candelier * Cannegieter * Capoen * de Carpentier * ten Cate * Cats * Castelein * Cattenstart > Kattestaart * Cieraad * de Cneudt * Coeymans * van der Chijs * Cicero * Claes * Clavier * de Clerck * de Clerq * Cleveringa * Cloeck * Cloin * Cloodt * van Cuyck * Cluyster * de Cnock * Cnubben * Cockx * Cocquyt * Coeberg * Coeck * Coehoorn * Coemaet * Coen * Coenjaerts * Colenbrander * Collaert * Comenius * Commelin * Commijs * Companjen *  Compier *

Consent * Conzensius * Copijn * Coolhaas * Coopal * Coopmeiners * Coorengel * Copier * Coppenolle * Coppoolse * Copijn * Corbelijn/Corpeleyn * Corlemeijer * van de Corput * Cortenraedt * Cortlever * Corver * Cosijn * Craenhals * Craenen * Craghs * Crama * Cramwinckel * Craninckx * Crans * Cratsborn * Crediet * Cribbelier * Crickx * Criellaert * Croese * Crombag * Crombalgh * Crombeen * Cromheecke * Crommelin * van den Crommenakker * Crompjongh * Crompvoets * Cronselaar * de Croock * Croockewit * Croon * Crott * Crucq * Cruining * Crull * Crum * Cruts * Cryns * Cruyff (ons aller voetbalprofessor) * Cruys * Cuyp *


* Daendels * Daenekindt * Dagelinckx * Daleboudt * Dankaert * Dedel * Denys * Dericks * Descartes * Desimpelaere * Dewaerheijt * Diender * Dierckx * Dierckxsens * Dikhooff * Dirickx * Dirix * de Dobbelaer * Dockx * Dodevisch * Doekbryder * Doevenspeck * Donckerwolke * Doodeheefver * Doodeman * Doolhoff * Doomer * Doorenspleet * Dooting * Dootjes * Doove * van Dorth * Dou * Doudeijns * Draeck * Dragt * Drexhage * Droogleever * Drossaert * Druncks * Dullaert * Duurentijdt * Duyckaerts * Duys * Duyster * van Duijvenbode * Duijvelshoff *

Ebelties * Edelenbosch * van Eeghen * Eelzak * Eendragt * Eerligh * Eertwegh * Egmond * Eisinga * Eliel * Elkerbout * Elsevier * Enthoven * van Erckelens * Erdtsieck * Everdey * Eijpelaer * Extercatte * Eijgensteijn * Eijsbouts * Eijskoot (een wintervondeling > Jiskoot) * Eijspaart * Fabrij * Fackeldey * Fagel * Faingaert * Fakkeldey * Falck * Fatzoene * Fenijn * Fhijnbeen * Fick * Fierenblaas (snoever) * Finck * Fleerackers * Fleurbaay * Flesschedrager * Flinck * Fock * Fogteloo * Fonteyn * Fortgens * Franckaert * Frankhuisen * van Fraijenhove * Froolik * Fruin * Fruijtier *

Gaarenstroom * Gaarlandt * Gaedtgens * Gamelkoorn * Geelhoedt * Geenemans * de Geer * Geselschap * Gevaert  * Geyteman * Ghoos * van Goens * Geus * Gillebaart * Glaesmakers * Glavimans * Goddaer * Goedegebuure * Goedemondt * Goetgeluk * Goetzee * van Gogh * Compeer * Goosefoort * Gouderjaan * Goudt * Goulooze/Gouweloos (zorgeloos) * Graffijland * Gragtmans *

Graswinckel * Graveleijn * de Grebber * Greeff * Gresnigt * Grisnigt * Grootegoed * Grootendorst * Grootte * Groteclaes * Grijpdonck * Grijsaart * Grijspaerdt * Gueijsen * Guichelaar/Keukelaar (goochelaar) * Guyt * Gijzelaers * Haalebos * Haambeuckers * Haanepen * van Haasenbreetveld * Haay * Hacquebord * Haeck * Van Haeringen * Hacquaert * Haemelinck * Handbeuckers * Hanemaaier * Hardlooper * Harinck * Harrewijn * Hartlooper *


Hartsuyker * Hasselaar * Hazewindes/Hazewindus/Hazewindius * van Heemskerck * Heerenthals * Heetebrij * Heimerikx * Heijndrikx * Heirbaut * Helderweirdt * Heldring * Hemelaer * Hemelinckx * Hemelsoet * Hemlinckx * Hemsterhuis * Hereijgers * Herrebout * van Herrenweghe * van Herterijck * Heufft * Heusch * Heijn * Heijnderickx * Heijt * Hildebrand * Hindyrckx * Hinloopen * Hobbema * Hoefeyzers * Hoenkerken * Hoet * Hoex * Hoexum * Hoftijser * Hollegien *  van Honthorst *

Hoobroeckx * Hooft * Hooftman * Hoogedeure * Hoogemoed * Hoogerbeets * Hoogewoonink * de Hoogh * D'hoore (erfgenaam) * Hooglugt * Hoogwaerts * Horrix * Hortus * Hottinga * Houbaer * Houtbraken * Houtsager * Houtzaager * Houwelijckx * Hovelynck * Hox * Huët * van Hulle * Humperdinck * Hunia * Hurckx * Hurkxkens * Hustinx * Hutschemaeckers * Huydecoper * Huydts * Huygens * Huijsheere *

Icke * Ingeneeger * Isenbaert * Insinger * Jackemijns < Jacquemijns  * Jaecqx * Janknegt * Jeegors * Jeekel * Jeucken * Johanknegt * Jonckbloedt * Jongemaets * Jonkhart * Jonkheid * Kaakebeeke * Kaakebeen * Kaasenbroot * Kaaskooper * Kaersenhout * Kakebaeke * Kanbier * Keereweer * Keersmaekers * Keerstock * Keetellapper * Kerkhooven * van de Kerckhoven * van Kerrebroeck * Keuris *

Kinzius * Kiphardt * Klapheck * Kleerebezem * Kleerekoper * Kleynendorst * Klooker * Kluppel * Knegt * Knevelbaart * Knipsael * Knooff * Knuyt * Kochx * Koeckebakker * Kockuyt * Koedooder * Koekebacker * Koffijberg * Kokxhoorn * Kolff * Koolenbrander * Koopal * Koorevaar * Koijck * Kortenaar * Korvinus * Kousemaker * Kraaijenzang * Kraaijenzank * Kraayvanger * Kragt * Kragtwijk * Kribbekx * Kruipveldt * Krijgh * Kuijlenstierna * Kuisch * Kuijtenbrouwer * Kymmell *

Labordus * Lacks * Laeyendecker * toe Laer * Lagcher * Lamberti * Lambriex * Lampaert * van Lamsweerde * Landsaat * Langeraert * Latijnhouwers * Leefoghe * Leenaerts * Leegerstee (bed) * Leevendig * Legemaate * Leguijt * Lemuel * Lennaerts * Lescrauwaet * Lestestuiver * Lekx * Leydecker * Liedermooy * Liefooghe * Lieftinck *

Liefooghe * Liefvelt * van Lievenoogen * Lievestroo * Ligchaam * Ligter * Ligtermoet * Ligthart * Ligtvoet (multi) * Lockefeer * Loeff * Loevesijn * Logchies * Logt * Lombard (bank van lening) * Loncke * Loocks * Loopuyt * Looyschelder * Loozekoot * Lugthart * Lugtig * Lugtigheyd * Luichjenbroers * Luijcks * Luyf * Lijbaert * Lijftogt * Lijnsvelt * van der Lijstersangh *


Maagdeleyn * Maeghs * de Magtige * Malefeijt * van Mansfeld * Marchand * de Martelaere * Massa * Matte * Maerland * de Magtige * Malefijt * Medici * Meeter * Memling * Menschaar * Mercq * Mercuur * Metsu * van Mierop * Minnigh * Mockel * De Moerlooze (vondeling?) * Moetwil * Mokkelencate * Monck * Moolengraaff * Mooyekind * Moons * Moorthaemer * Mores * Mosch * Mosselaer * Mostaert * Mulckhuyse * Munter * Murck * Musch * Muijshondt * Muijson *

Nachtergaele * Naebers * Naeff * Naerebout * Nagtegaal (multi met 2.274) * Nagtglas * Nagtzaam * Nanninck * van Neck * Nederkoorn * Neirinckx * Nettenbreijer * Nix * de Nocker * Nooitgedagt * Notebaert * Nugter * Nuyts * Nys *

Ockels * Ockeloen * Ockhuysen * Odemaere * Okx * Olieroock * Olijff * Omtzigt * Omzigtig * Ondaatje * Onderdonck* Oninckx * Ontijt * Onverwagt * Oosteweeghel * Opregt * van Ostade * Olij * Olijkan * Olijslager * Ooteman * Opgenoorth * Van Osselaer * van Ostayen * Ouëndag * Paardenkooper * Paelinck * Paerel * Paeshuyze (een tak werd Paashuis) * Paetz * Pakvisch (> Pakvis) *

Paridaen * Patijn * Pekelaer * Peeperkoorn * Pelsmacker * Pegt * Penninkx * Perdaens * Perquin * Persijn * Pex * Pieck * Pieplenbosch * Pierson * Pillaerds * Pinck * Pinckaers * Piscaer * Plantagie * Planteijdt * Plantyn * Plasschaert * Pleeging * Pleumeekers (ploegmaker) * Pleijzier * van der Pligt * Ploegaert * Plooyer * Poelhekke * Poiesz * Pontvuijst * Porck * Porselijn * Portegijs * Potter * Potuyt * Poijck * Praet * Preeker * Prevenier * Prickaerts * Pricker * Prooy * Pruijn * Publiekhuysen * Pulinckx * Puijmbroeck * Putseijs * Pijck *

voor namen met Q zie /Klankrijk van A tot Z


Raad * Raadschelders/Raedschelders * Raatgeefs * Radstaake * Raes * Raets * Rampaart * Ramspeck * Rasch * Rauwerdinck * van Reede * van Rheeden * Regtien * Regtop * Regtuyt * Reubsaet/Reubzaat * de Reijcke * Reijnst * Ridderbosch * Ridderplaet * Riepsaem * Riezebosch * Riphaagen * Ripperda * Ritterbex * van Rixoort * de Robles * Rol * Roobol * Roosenschoon * Rootbeen * Roothooft * Rosenquist *  Ruychaver * van Ruysdael * Rijckborst * Rijkschroeff * Rijmer * de Rijp * Rijxman * Ruyl * Ruijsch * 

Sachtleven * de Saegher* Saers * Saeijs * Sagt * Santegoeds * Saterdag * Savelkoel * Schaepman * van Schaffelaar * Schampaert * Sandkuyl * Savenije * Scheele * Schellinx * Schenck * Schabracq * Schaakxs * de Schaepdrijver *  Schatteleijn * Schauwaert * Scheldwacht * Schildknegt * Schimmelpenninck * Schniermanni * Schofaerts * Schollaert * Schönvinck * Schoonbaert * Schoonewille * Schoonheyt *

Schornagel * Schorteldoek * Schrickx * Schrijnemaekers * Schuttevâer * Seebregts * Seegebrecht * Seep * Seevenwant * Seevinck * Seldentuis * Selderslaghs * Selderijk * Seltenrijck * Servranckx * Sevenster * Servaes * Sielcken * Sikkelerus * Silvertant * de Simpelaere * Sinckgraven * Sinjoor * van Sint Feijth * Sinx * Sitskoorn * Sitvast * Six * Sizoo * Slabbekoord * Slack * Slachmuylders (> Slagmulder) * Slegh * de Slegte * Slock * Sloëtjes * Slootmaekers * Sloover * Sluijswagter * Slycke * Smytegeld * Snaaijer (snoeper) * Snauwaert * Sneelooper * Sneeuwjagt *

Snellaert * Sneuijink * Snippert * Snoecks * Snijdoodt * Soecker * Soerewijn * Soet * Soetbroot * Soetekouw * Soetelmans * Soetendal * Soetensicht * Soeterboek * Soeterik * Soetevent * Soethaert * Soetmulder * Sonck * Sonnemans * van Sonsbeeck * Soomers * Sorgdrager * Spaarenberg * van Spaendonck * Sparnaay * Specerij * Speeckaert (wielmaker) * Spigt * Spillemaeckers * Spirinckx * Sprokkreeff * Sporcq * Spuy * Staets * Stakelbeek * Stalpaert * Stampaert * Stauthardt


* Stockbroekx * Stocq * van Stockum * Stoeckart * Stoelendreyer * Stokbroekx * Stoke * Stokx * Sonck * Storck * Stooker * Stortenbeeker * Strategier * Strickx * Stronck * Strooper * Storck * Stroucx * Struijcken * Struisvlugt * Stuyver * Sustrunck * Suur * Suurenbroek * de Suijck * Suijkerbuijck * Suykerbuyk * Suykerland * Suys * Swaep * Swaen * Swaerts * Swanepoel * Swartbol * Swarttouw * Sweep * Sweers * Sweys * van Swieten * Swijnenburg * Sijpheer *

Tacq * Takx * Tamerius * Tanghe * Tattje * Tengnagel * Teurlincks * den Tex * Theirlynck * Thibaut * Thienpont * Thuijsbaert * Titulaer * Toeback * Tombrock * Tonnaer * Toorenspits * Torck * Toutenhoofd * Tresoor * Treytel * Triesscheijn * Trip * Tuytel * Tweebeeke * van Twuyver * Tijveleijn * Uitbeyerse * Uitvlugt * Unck * Uijens * Uylenhoet * Uyt de boogaardt * Uyt te Haag * Uyterlinde * Uytdewilligen * 

* bij de Vaate * Valckenier * Valcq * Veeris *Verberckmoes * Verdaesdonk * Verdooner * Ver Huell * Verreck * Verregghen * Verspeelt * Versweyfeld * Vertwijfelt * Vierveijzer * Vinckx * Vingboons * Vingerhoets * Vischjager * Visschedijk * Vivien * Vixeboxe * Vlaminckx * Vlammekx * Vlammix * Vleeschdraager * Vleeschman * Vleck * Vogelensang * Vogelsang * Vollenhove * Voorwijnckels * Vosmaer * Vossaert * Vrauwdeunt * Vredebregt * Vredevoogd * Vreede * Vriemoet * van de Vriesenaerde * Vroegh * Vrouwenfelder * Vrouwenraets * Vrijlandt *

Waegemaeckers * Wagendrever * Walgraeve * Wansinck * Warnsinck * Welbedagt * Weltevreede * Weygertze * Willockx * Winnepenninckx * De Wispelaere * Wissenraet *  Wittebroodt * de With * Wtenweerde * Wijcghel * Wijgh *  van Wijngaerde * Wynia * Wijninckx * Ysbrandi * IJsebaert * IJspeert * IJzerdraat * IJzerkooper * Zagt * Zeelmaekers * Zeevenhooven * Zoer * Zonligt * Zonnerijck * Zoomerschoe * Zoonekynd * Zoudenbalch * Zijtregtop *



Terzijde 1/ Deze namen bestonden al voor 1811 en er zijn dus geen zogenoemde  protestnamen bij. Na 1811 mochten ze niet meer worden gemoderniseerd en zijn hier opgenomen wegens aparte spelling en dus datering. Maar er kunnen (helaas) ook namen van tijdelijke Vlaamse expats bij zijn - het Meertens noemt die niet apart. Voor naamswijziging zie Ongunstig?/Naamsverandering.



Terzijde 2/ dr. K.C. Nieuwenhuijsen onderzocht naar eigen zeggen grondig kronieken, oorkonden en stadsrekeningen op de Middeleeuwse naamgeving. Hij concludeert dat in de 13de eeuw de meeste bewoners van de Lage Landen al een achternaam hadden... nl. 85 % van de mannen en 59 % van de vrouwen. En wel een latijnse... de gevestigde naamkundige opvatting dat erfelijke geslachtsnamen zich pas enkele eeuwen later verspreidden is volgens hem een jammerlijke vergissing!


De auteur noemt o.a. als bewijs voor zijn theorie aangetroffen latijnse beroepsnamen met vertaling: Aurifaber (goudsmid), Candelarus (kaarsenmaker), Canonicus (geestelijke), Capellanus (kapelaan), Carpentarius (timmerman), Cellarius (kelderknecht), Clericus (klerk), Cultellificer (messenmaker), Dapifero (misdienaar), Faber (handwerksman), Formator (molenaar), Gardianus (wachter), Monachus (monnik), Molendinarius (molenaar), Parchamentarius (perkamentmaker), Pellificis (bontwerker), Phisicus (arts), Piscatoris (visser), Pistoris (bakker), Plebanus (plebaan), Prepositoris (proost), Procuratoris (procureur), Sacerdotis (priester), Scabinus (schepen), Scultelus (rechter), Textoris (wever) en Vector (vrachtschipper).


Okee. Maar behalve de multi Faber met 6.083 naamdragers zijn ze allemaal uitgestorven. Omdat ze dus nooit bestonden als van vader op zoon doorgegeven geslachtsnamen. En alleen zijn vermeld als beroep voor verduidelijking bij iemands toen gebruikelijke voornaam in zakelijke, in het latijn gestelde, stukken. En dat waren de enige die hij had onderzocht.  Nieuwenhuysen bedenkt dus naamkundig nepnieuws.