Bijzondere Achternamen
'Digitaal Erfgoed'


Toch wel raar - Naamsverandering - Behouden schaamnamen - Duitse, Franse, Engelse schaamnamen - Leuk bij de buren - Ongunstig light - Benno Baksteenlijst - Bargoens en straattaal


Toch wel raar

Sommige namen kunnen worden ervaren als onwelvoeglijk, ook schaamnamen genoemd. Je zit er aan vast, maar de Staat biedt hulp bij het veranderen van erkende ‘bespottelijke of ongepaste’ namen. Met daarvoor strenge voorwaarden plus kosten van € 835 - 1.670 inclusief de namen van kinderen - te voldoen bij de aanvraag en niet terug te betalen bij weigering van het verzoek. Dit moet de kosten van wijziging van allerlei overheidsadministraties dekken - en dan moet je zelf honderden telefoonnummers, inschrijvingen en adressen vernieuwen. Een heel gedoe, zo'n nieuwe identiteit... Je moet wel erg graag willen.

De site Justis van het Ministerie van Justitie en Veiligheid geeft online niet meer dan drie en voor de hand liggende voorbeelden: Poepjes, Niks en oogarts Blind. Denk maar niet dat ze alles accepteren. Het moet je wel erg hoog zitten!

Veel aanvragen komen nu van kinderen na een vechtscheiding van hun ouders of een besmette naam door een met veel publiciteit van misdrijf veroordeeld familielid. Vaak wisseling van de vadersnaam naar die van de moeder. Veranderd worden ook multi-adressen, zoals Schilderbedrijf De Jong, waarvan er zeker meer zijn. En ook lastig uit te spreken namen - zoals Grzska. De goedgekeurde aanvragen namen toe van 1.269 in 2012 tot 2.057 in 2018, met 349 afgewezen verzoeken in dat jaar. In 2019 slaagden er 2.263. Ambtelijk wordt er allerminst lichtvaardig mee omgesprongen. Regels zijn regels.


Okee, legio grappen. Chirurg Snijdood, tandarts Boor, opticien Schele, groenteboer Rot, autodealer Pech, verhuizer de Breker, wasserij Vlek, aannemer Sukkel, journalist Flater, advocaat Sul, boekhouder Roof, huidarts Uitslag en ga  door. Maar toch. Soms begrijp je niet wat de vereerde voorouderlijke naamgevers bezielde – of gooiden ze in 1811 de kont tegen de krib? Want wij hoeven geen achternaam en al helemaal niet omdat de keizer door de Burgerlijke Stand onze zonen kan vinden. Als kanonnenvoer en om ons geld af te pakken. Die smerige dictator! Hoewel... we kantelden definitief in de slag van Waterloo: onze zelfstandige provincies verdwenen. Koning Willem I vond de centrale administratie handig voor de  militaire dienstplicht en uiteraard de fiscus.


Als levend voorbeeld de verwarrende namen Aa (60), ver A (15) , AB (61), A B (10) en A.B. (37). Er zijn ook J (< 5), O (< 5), U (< 5) en Y (< 5).  Het Meertens denkt aan protestopgaven in 1811 met de eerste letter van een voornaam plus die van een achternaam. Zit je maar eeuwig uit te leggen... sorry, maar ik zou wat doen.


Naamsverandering

De huidige wet schrijft toevoegen of verwijderen van enkele letters voor. Zo kende ik een meisje Piek dat mij toevertrouwde dat haar familie vroeger Pik heette. Een geslaagde omzetting: er zijn nu 1.468 Piek's en nog maar 143 Pik's plus 22 Piké's * Minder radikaal ging het toe bij het geslacht Piel met in 2007 nog 80, tegen Piël met 55 * Van Sul nog 55 tegen Silven 40 * Van Hetterschijt 87 tegen Hetterschij maar 11 * Een tak Water kon er niet mee leven en veranderde in Aardewater (nu 0) * En Koetje (464) werd Koethe (<5) * Koppijn (37) werd in 1984 Tamarinde (<5). Ook in 1974 veranderde enkelen van de Joodse stam Mozes (176) in Omhof * En in 1972 werd de rare (protest-afkorting ?) Cvkr (<5) eindelijk een woord: Zwerk (5).

Goed gelukt is Hardebil (nu nog 8) naar Hardebol (nu 83) en helemaal bij Pies (0) naar Piëst (27) * Idem Aap (0) al in 1886 naar Davids (1.216) en later naar Aak (5) en Waas (262) * Van der Bil heeft er nog maar 9 tegen van der Bilt 508 * Ook geslaagd is Pooijer (5) naar Mooijer (380) of van Pooij (28) * Pil (127) werd in 1973 van Esburg (7) - na een echtscheiding misschien? * Zo ook van Kip naar van Halvelmonde? *

Ooit hoorde ik over een gezin de Pijper met drie dochters – en deden die er iets aan, vroeg ik - ‘Jazeker, ze trouwden zo vlug mogelijk’ * Een takje Pijper (nu 1.008) werd in 1985 Portein (6) * Mijn Carla had een klasgenootje Piederiet (53) dat dit heel erg vond. Ze wilde het veranderen in Piéderié, wat niet  gebeurde * Uithol heten nu 360 mensen en van de veranderaars in 1976 in Uithoof zijn er nog 6 over. 


Overigens begrijp ik niet dat, als je met alle geweld van je naam af wilt, geen radicale wijziging kunt kiezen - zolang het geen bestaande naam wordt. Een helemaal nieuwe naam doet niemand kwaad en het regiem riekt naar bevoogding door de overheid * De acteur met het speudo André van Duin heette bij geboorte in 1947 Adrie Kloot (nu 185 naamdragers) en zijn vader liet dat in 1959 in Kyvon (20) veranderen; een andere tak werd Cluister (< 5) * Sinds 1968 heet een tak Naaktgeboren (met 618 standvastigen) Radenborg (20) * Beerepoot (nu 653) werd Meerevoort (8) in 1973 en 1974 *

Nog 37 mensen heten van Cutsem en maar <5 van Gutsem * van Kutsem (<5) ging naar van Kuetsum (13) in 1977 en 1981 * Cutzien is uitgestorven en bij Krukziener zijn er 14 * de familie Platje (490) bleef trouw, want er zijn maar 6 personen Platjee * In 1973 werd een takje Kwaak (174) van Nalta (6) * Ooit werd Vorbrock (lendendoek) Perizonius * En in 1971 veranderde Etter (<5) in Ettenis (0) * Ooit werd Februwei (0) Feberwee (81) * het Joodse Abrahamsohn (4) werd na de oorlog Amson (8) * en een tak van de Joodse familie Durlacher (34) werd Doorlag (37) * Jut (190) vonden de meesten niet erg, want Haffner zit op 19 * 

Faut (frans: valsaard) (28) werd in 1981 Faun (< 5) * Een tak Quee (66) maakte er wegens de klank 'kwee' (geen man en geen vrouw) Querens (6) van * In 1977 veranderde een tak Wortel (nu 871) - kinderen na een vechtscheiding misschien - in van Neerland (<5) * Haaselsek wisselde in 1990 naar Hazelzet (164) * Ooit werd Wants (5) creatief vertaald in Zomerplaag (23) * van Geilswijk (60) werd tevergeefs van Gulswijk (0) * Boertje (380) werd Boertien (690) * Hoppezak (88) werd in 1977 deels Hefkens (11) * Kniknie werd in 1977 Nieklin *

Poepjes (281) werd van Haskerk (14), Palmbergen (19), Portena (5), Velinga (20) en trok in bij Scholte (3.572) * Rothuizen (288) werd succesvol Rodenhuis (561) of Rotshuizen (18) * Rotmensen (149) werd Rohmensen (149), Rootmensen (20) en Rohtensen (55) * een tak Cohen (1.429) overleefde WO II en werd trots de Sterke (177) * takken Gladpootjes (82) werden van Callinge (<5) en in 1957, 1974, 1976 en 1987 moeizaam Gladon (43) *

Sommigen Verwaald (40) werd in 1972 Verda (<5) * Konter (207) bleef en Komter verdwijnt (<5) * de romanschrijver Pannekoek koos na veel boeken als achternaam zijn pseudoniem Langen omdat hij vaak al zo werd genoemd. * Ooit noemde zich een familie Bil (nog florissant met 424) uit begrijpelijke schaamte zich Bilius (17) * Bloten (26) werd Blonet (10) *

Zo doet Dral (stevig in het vlees) nu 222 en Ralduin < 5 * Drektraan (9) ging in 1981 deels naar van Westvoorne (<5) * Kloot (185) werd Loot (105) en sloot zich ook aan bij de multi Kroon (9.333) * een stukje Kwakkel (796) werd in 1974 van Callandt (12) * Luif (89) in 1987 deels naar Ludolph (11) * van Lijk (6) kwam in 1981 tot het aardige Liek (14) * Niks werd in 1974 Dammix * Poepjen (<5) verdween en Wellinga (69) groeide * sommigen Oorlog (76) werden in 1986 van Noorlo (5) * alle overgeleefden Pikhaar (5) werden in 1988 nog Pinkhaar (5) nadat eerder Piekhaar (63) ontstond *

Riool (59) werd in 1977 en 1978 deels Rieval (12) * Scheele (942) deed in 1972 Selte (<5) * een tak Smalbil (215) wilde Smalburg (22) * In 1972 draaide een opstandig takje Soepnel (49) naar Subnel (15) * Ooit werd Kutscheidt na immigratie hier Koetsdijk * Het vertrek uit Piest (met nu 419 hardnekkig onverschilligen) was kennelijk moeilijk: In 1969 emigreerden pioniers naar Iepsma (24) en Pyest (7), in 1972, 1978 en 1983 volgde van Esbeek (<5) en in 1973 nam Romarck (10) de grote stap. Piëst (27) startte in 1977 en werd nader aangevuld in 1978 en 1992. En er is ook Pijst (32) *

Poepjes (286) splitste in 1997 Velinga (20) af * diverse takken Sukkel (nu nog 255) werden Auckel (30) achtereen in 1970, 1972, 1975 en 1980, maar ook Rikveld (12), Suchel (<5), Suel (5), Sukking (26) en succesvol Wouterson (101) * Sip (446) in 1970 naar Iepstra (<5) en in 1975 naar Issendonck (<5) * Sitvast (40) in 1992 soms naar Silvest (<5) * van Soepboer (407) werden er (in 1979) 8 van Dongera * Stom (98) in 1973 Storn (5) * Sul (550) werd Silver (40) * In 1982 werd een tak Zewald (120) Paliejoe Zewald (5). Niet verbazend floreert de multi Hol (o.a. aars) onbeschadigd met 3.396 naamdragers - nette mensen denken niet in straattaal * en de leuke naam Corona werd plotseling met afstand de allergemeenste *

Leendert Brouwer vermeldt omzettingen uit het verleden waarvan het origineel is uitgestorven: Copin was Koppijn * Fassbinder was Vastbinder * Pilgenroth was Pielkenrood * Wong Lua Hing was van Wolingen.  

Als het contact klikt is iemands achternaam plotseling neutraal: je bent alleen voor onbekenden of vijandigen je achternaam. De betekenis van woorden is nu soms ongunstiger en dat wisten de oude naamgevers niet. Geneert je familienaam je - je bent er aan gehecht en je hoeft je geen twee keer voor te stellen, want iedereen onthoudt het vast wel. Je dierbare voorouders leefden er toch ook mee. Veranderen voelt als ontrouw aan je naaste familie, dus so what? Honi soit qui mal y pense.  Ik heb respect voor de dragers van een eeuwenoude naam met een vlekje. Ons korte lijstje is misschien overgevoelig en er is al heel wat weggeregeld - zie hierboven en 40 Onwelvoeglijke achternamen.

Ook bij onze Zuiderburen: zie in /Bronnen online 25 Onwelvoeglijke Belgische achternamen van Maarten van der Meer met Vlaamse veranderingen: Anus = Athis, Mine, Hanut, Arno en Bériot * van den Cloot = de Langhe * Dick = de Clercq * Dom = van den Bergh, van Acker en Fondu * Gay = Guay * Kastrat = Kastrati (!) * van Kut = Corthals, Gosseye en van Houtte * van Lul = van Lil * van Lulle = Vanhalle * Lulsens = Deschijnck * van den Neucker = Vandenecker * de Neuker = Pipeleers * Penis = Peny * Poep = de Paepe, Caudron * van Reet = de Vriendt * van Reeth = van de Plas * Stinkens = Vandemoortel *


Behouden schaamnamen

Aars * Aarsman * van Achteren * Amoraal * Balneger * erger is nog Balnikker  (jammerlijke omzetting van Zwitserse naam Balleneger) * Beffers * Beffert * Beffie * Berkepies * Beul * Bil * van der Bil * ter Bille * Billekens * Billen * Blotevogel * Bloot * Boef * Borsten * Bouter * (van den) Braak * Braakhekke * Braakman (multi) * Braaksma (multi) * Braken * Braker * Breesnee * Corona (gruwelijk chinees virus) * Cutzien * Dellen (sletten) * Dinges (naamloos iets of iemand) * Dirken (scheten) * Dolleman * Dood * Dodeman * Doden * Doodeman * Doos/Doosje (vagijn) * Drel (vunzige vrouw) * van Drogenbroek * Eikel * Etter * Fack * Fielt (schurk) * Focking * Fokken * Fokking * de Folter * Fukken * Fukker * Fukking * Fukkink *

Gatsma * Geil * Geilen * Geiling * Geilman * Geilvoet * Gerrits bijgenaamd Pik * van Gisteren * Glans (peniskop) * Graf * Griezel * Grotezak * Gruwel * van Gulp * Hardebil * Heil (nazigroet) * Hennep * Hetterschijt * Hoer * Hoerbekke * in 't Hol * Holhaar * Hork * Jabroer * Kak * Kakma * Keesmaat * Kermen * Kinds (dement) * Kinkel * Kloot * Klootwijk * Knots (gek) *  Kolder (gekkenpraat) * Komtebedde * Kont * Koppelaar * Kreupel * Kots * Krikken * Krols * van Kutsem * Kutschruiter * Kutter * Kutterik * Kwak (sperma-uitstoot) * Kwee (man noch vrouw) *

Leep * Loeder * Lues (een soa) * de Lul * Lijk * Meuren (scheten) * Naaktgeboren * Naayen * Naayer * Naaijkens * Nar * Neukermans * Onan (afrukker) * Palen * Peeze * Pestman * Pezer * Piel * Pieler * Pielkenrood * Pielman * Pielmeier * Piels * Pielstroom * Pieltjes * Pies * Piest * Pik * Pikhaar * Pikkemaat * Pikstra * Plas (multi) * Plasman * Plassen * Platje * Pleevoet * Poepenborg * Poepe * Poepjen * Poepjes * Potjewijd * Pooijer * Prooi * Puist * Pijpen (afzuigen) * Pijpenbroek * de Pijper * Pijpers * Pijpstra *

Rapalje (gepeupel) * Rat (verrader) * Reterink * van Reet * Riool * Rompies * Rot * Rotte * Rotteveel * Rotman * Rotmensen * de Rover * Rukkers * Rijstenbil * Sas * Sassen * Sasser * Scheede * Schele * Schendstok * Schenning * Schuin (seksgrapje) * Simpel (onnozel) * Slap * Smalbil * Snijdood * Slaaf * Sletbeen * Slettenhaar * Slettenaar * Snijdood * Soa * Spillebeen * Spleet * Spook * Stinkens * Struikelblok * Stijve * Sukkel * Sul * Tepel * Tiet * Tietema * Tiethof * Tietje * Tietjens * Tietsma * Tippel (stoephoer) * Tobber * Trutmans * Tuig * Uitenbroek * Verduld # * Volbroek * Vollebroek * Voos * Vuil  * Windgassen * Wip (snelle seks) * Wipper * Zak * Zeuren * Zweetbroek.

Het komt neer op intieme lichaamsfuncties, sexuele verrichtingen, scheldwoorden en andere termen die als familienaam onwaardig overkomen. Zie ook  /Bargoens. En vooral /Amoureus.


Er zijn ook tragische oorzaken voor naamverandering, bijv. bij slachtoffers van incest. Gaat niet zomaar: een onafhankelijke deskundige moet schriftelijk verklaren over ernstige psychische en/of fysieke schade.


Bij onze naaste buren bestaan ook besmette namen (o.a. van beruchte WO II nazileiders, met een #). De Engelstaligen doen niet moeilijk - je gelooft soms je ogen niet - en Fransen zijn discreter. Bij de Britten de stiff upper lip: 'rare naam nogal, heb je  niet gehoord'. Ik onderzocht niet of daar naamsverandering mogelijk, moeilijk of duur is. Het gaat hier om buitenlandse namen in ons land, deels in straattaal en evt. vertaald:


Duitse schaamnamen

Bauernfeind (vijand van boeren) * Biedermann (kleinburgerlijke man) * Blöd (stom) * Bormann # * Dickhaut (dikhuidig) * Dirne (sloerie) * Doof  (imbeciel) * Dreckmann * (dreck = stront) * Drinkgern * Dummer (dommer) * Eichmann # * Ekel (walging) * Faul (verrot) * Feig (laf) * Feind (vijand) * Feierabend (sluitingstijd) * Ficken (neuken) * Ficker (neuker) * Flau (slap, sloom) * Flegel (vlegel) * Frech (brutaal) * Fressen (vreten) * Frevel (vervloeking) * Führer # * aus der Fünten # * Geilkopf * Gemein (gemeen) * Göbbels # * Göring # * Graulich (gruwelijk) * Greulich (griezelig) * Grob (grof) * Habenicht (armoedzaaier) *

Hass (haat) * Heidrich # *  Henker (beul) * Hess # * Himmler # * Irrgang (dwaling) * Ketzer (ketter) * Kitsch * Klotz (lomperd) * Knebel (knevel) * Knülle (dronken) * Kot (stront) * Kotz (kots) * Krach (kabaal) * Krank (ziek) * Kraut (Engelse scheldnaam voor Duitsers WO II, komt van Sauerkraut = zuurkool) * Krebs (kanker) * Krieg (oorlog) * Kunkel (oud wijf) * Krummfuss (kromvoet) * Krummnack (kromnek) * Lachnicht (niet lachen) * Lages # * Leider (helaas) * Luder (loeder) *

Mangel (gebrek) * Männchen (mannetje) * Neuefeind (nieuwe vijand) * Potz (potztausend = sodeju!) * Prasser (losbol) * Proll (proleet) * Puff (bordeel) * Puppe (sletje) * Putz (idioot, kleuter, piemel) * Quadfass (kwaad gebroed) * Rauh (grof) * Raus (rot op !) * Rauter # * Rothweiler (fout hondenras) * Sau (zeug) * Schacht # * Schädlich (schadelijk) * Schleimer (kontlikker) * Scheu (schuw) * Schimpf (belediging) * Schlamm (modder) * Schleimer = hielenlikker * Schlemmer (snoeper) * Schlich (rotstreek) * Schlicht (eenvoudig) * Schlimm (slecht) * Schlimmer (slechter) * Schundpott (ik weet niet waarom maar klinkt niet okee) * Schwanz (staart/piemel) * Schweig (zwijg!) *

Seyfardt # * Slüper (slurper) * Speer # * Speidel # * Spitzel (spion) * Streicher # * Stumm (stom/niet sprekend) * Stur (koppig) * Sünder (zondaar) * Tausendfreund (allemansvriend) * Teufel (duivel) * Tod (dood) * Todtenhaupt (doodshoofd) * Troll (skandinavisch gemeen dwergwezen) * Ungemach (bezoeking) * Unkraut (onkruid) * Windig (onbetrouwbaar) * Wucherer (woekeraar) * Wucherpfennig (gierigaard) * Zuhälter (pooier) * Zwang (dwang).



Franse schaamnamen

Alphonse/Barbeau/Baudet/Mac (pooier) * Baiser (kussen/neuken ) * Baudet (ezel) * Boche (mof/nazi) * Bordel (bordeel) * Brute (wreedaard) * Caca (poep) * Chanteur (afperser) * Chatte (kutje) * Cocu, Corne, le Cornu (hoorndrager - bedrogen bedpartner) * Con (oerstom) * Fauve (wild dier) * Folie (krankzinnig) * Fric (geld) * Gaillard (geilaard) * Haine (haat) * Harlequin (clown) * Louche (onbetrouwbaar) * Malade (ziek) * Malcontent (ontevreden) * Malcorps (mismaakt) * Merde (stront/gvd!) * Mineur (minderjarige) * Mordant (schamper) * Mouche (vlieg) * Nana (straatmeid) * Nue (naakt) * Panne (pech) * Pique (ruzie) * Rapaille (rapalje) * Rude (ruw) * Sauvage (wildeman) * Triste (bedroefd) * Vilain (lelijk) * Villain (schurk) * Zizi (piemel) * Zut (potdorie!)


Engelse schaamnamen

Anal (anale seks) * Anger (woede) * Arsenic (rattengif) * Bang (neuken) * Barb (rotopmerking) * Barf (braaksel) * Basher (ruziezoeker) * Beaver (vrouwelijk schaamhaar) * Beggar (bedelaar) * Bimbo (dom blondje) * Bladder (blaas) * Blunt (afgestompt) * Bogus (verzinsel) * Bollock (testikel) * Boner (stijve) * Booty (sexy billen) * Brat (kleuter) * Brute (wreedaard) * Buff (naakt) * Bum, Butt (kont) * Bunk, Bull (nepnieuws) * Bust (boezem) * Buster (gozer) * Can (wc, gevangenis) * Carrion (kadaver) * Chap (kerel) * Cherry (kers, maagdenvlies) * Chick (mokkeltje) *

Cock/Dick/Dong/Prick (piemel) * Coffin (doodskist) * Common (ordinair) * Copper (politieagent) * Coward (lafaard) * Craven (laf) * Cronk (lelijkerd) * Crook (crimineel) * Crude (grof) * Cruel (wreed) * Cumming (klaarkomen) * Cuss (vloeken) * Demon (boze geest) * Dick (pik/detective) * Dike (manlijke lesbo) * Dong (piemel) * Doom (doem) * Downer (euforiedrug) * Dude (kerel) * Dull (saai) * Dump (afvalberg) * Dung (drek) *

Fack (fuck) * Fail (falen) * Faker (bedrieger) * Fanny (kutje/kontje) * Fink (verklikker) * Folly (dwaas) * Fool (stommeling) * Fudge (snoep/nep) * Funk (lafbek) * Fuss (gedoe) * Gamble (gok) * Gang (bende) * Gay (homo) * Geek (nerd/fanaat) * Gory (bloederig)*


Grabber (graaier) * Gross (banaal) * Gutter (goot) * Hacken (idem) * Hag (ouwe heks) * Harm (schade) * Hazard (risico) * Henchman (handlanger) * Hick (boerenpummel) * Hobo (zwerver in USA 1929 ) * Hoe/Hooker/Moll (hoer) * Hogsflesh (varkensvlees) * Horsey (paardachtig) * Hot (geil) * Hug (omhelzing) * Humble (eenvoudige afkomst) * Hun, Jerry (Duitser WO) * Hurt (pijn) * Junk (drugverslaafde) *

Killer * Lecher (wellusteling) * Leech (bloedzuiger) * Less (minder) * Loner (solitair) * Loo (plee) * Loot (buit) * Loss (verlies) * Lurker (loerder) * Lynch * Mack (pooier) * Malcontent (ontevreden) * Madder (gekker) * Mean (gemeen) * Moody (chagrijnig) * Moron (idioot) * Muff (kluns) * Muff, Puss, Slit (kut) * Mug (smoel) * Murphy (wet van alles wat fout kan gaan doet dat ook) * Nick (gevangenis) * Nuts (gek) * Oaf (lummel) *

Pagan (heiden) * Pain (pijn) * Pander (koppelaar) * Parkinson (enge ziekte) * Pee (plassen) * Petty (kleinzielig) * Popper (een drug) * Porn (porno) * Prick (opschepper/penis) * Pun (woordspeling) * Punter (gokker) * Quirk (rare hebbelijkheid) * Raper (verkrachter) * Rot (vervuild) * Rotter (rotzak) * Sad (droevig) * Savage (wildeman) * Sick (ziek) * Sin (zonde) * Sinner (zondaar) *

Slaughter (slachting) *  Slump (beurskoersdaling) * Spit (spuug) * Stalker (lastigvallende ex-minnaar) * Strange (vreemd) * Stroker, Wanker (afrukker) * Sucker (lulletje) * Suckling (zuigeling ) * Swank (opschepper) * Tit (tiet) * Tits (tieten) * Toff (branie) * Vandal (vandaal) * Villain (rotzak) * Wank (snoever) * Zilch (niks).


leuk bij de buren

Aufrichtig (oprecht) * Bauernfreund (boerenvriend) * Biedermann (nette burger) * Ehrlich (eerlijk) * Elflein (elfje) * Erblich (erfelijk) * Feiertag (vakantie) * Fein (voornaam persoon) * Freiherr (baron) * Freilich (wel degelijk) * Freude (vreugde) * Freundlich / Freundlieb (vriendelijk) * Fröhlich (vrolijk) * Fruchnicht (wees niet bevreesd) * Glück (geluk) * Gottlich (goddelijk) * Greif (grijpvogel - gevleugelde leeuw) * Gutgesell (goede gezel) * Gutheil (beterschap!) * Heim (thuis) * Himmel (hemel) * Höflich (beleefd) * Immerglück (altijd mazzel) * Junker (edelman) * Keusch (rein/kuis) * Kitzelmann (kitzel = liefkozing) *

Kleinsorge (weinig zorgen) * Kühn (stoutmoedig) * Klug (verstandig) * Klugheit (wijsheid) * Kurzweil (leuk) * Kuss * Lecker (lekker) * Liebchen (liefje) * Liebe * Lieben  * Liebeskind * Liebherr * Mut (moed) * Mutti (mammie) * Ohnesorge (zonder zorg) * Profittlich (profijtelijk) * Reinhart (dapper) * Reiz (charme) * Sauber (zuiver) * Schatz (schatje) * Schlemmer (lekkerbek) * Schön * Schönherr * Schönekerl (mooie kerel) *

Schönknecht * Schönwetter (mooi weer) * Selig (zalig) * Schlemmer (smulpaap) * Scherz (humor) * Sieger (overwinnaar) * Sorgenfrei (zorgeloos) * Sorgenicht (geen zorg) * Süss (zoet/liefelijk) * Süsskind (lief kind) * Toll (geweldig!) * Trauernicht (treurniet) * Trefflich (perfect) * Treuherz (goed hart) * Tugendhaft (deugdzaam) * Überfluss (overvloed) * Vornehm (voornaam) * Vortrefflich (uitmuntend) * Witz (grap) * Wohlgemuth (opgewekt) * Wunderlich (wonderlijk) * Zart (teder) * Zierfuss ("siervoet"). 


Beau (mooi) * Bienfait (weldaad) * Bienvenu (welkom) * Bonheur (geluk) * Cachet (gedistingeerd) * Champion (kampioen) * Charité (liefdadig) * Charmant * Comfort * Content (tevreden) * Coulant (schappelijk) * Courage (moed) * Courtois (hoffelijk) * Dauphin (kroonprins) * Dieu (god) * Empereur (keizer) * Galante (galant) * Fric (geld) * Jolie (mooi) * Gentil (aardig) * Mignon (liefje) * Nana (jonge vrouw) * Paradis (paradijs) * Patience (geduld) * Plaisir (vreugde/genot) * Prudente (voorzichtig) * Puissant (machtig/vermogend) * Sacré (heilig) * Santé (gezondheid) * le Sage (de wijze) * Sauveur (verlosser) * Vaillant (dapper)


Angel (engel) * Batman * Bliss (vreugde) * Boffin (geleerde techneut) * Broad (vrouwmens) * Brotherhood (broederschap) * Buddy (kameraad) * Buss (kusje) * Champion (kampioen) * Chap, Guy (kerel) * Charm * Cheers (proost!) * Cleverly (slim) * Clout (invloed) * Content (tevreden) * Coy (koket) * Darling (lieveling) * Dear (beste) * Deary (schatje) * Droll (grappig) * Dude (kerel) * Fatty (dikzak) * Fit * Flapper (tienermeisje jaren 1920) * Free * Friendship * Fun (pret) * Gallant (dapper) * Gay (vrolijk/homo) * Gaylord (vrolijk heerschap) * Gentle (adellijk) * Glad (blij) * Glory (glorie) * Goodenough (goed genoeg) * Goodfellow (goeie kerel) *

Hardy (flink) * Holy (heilig) * Honey (schat) * Hope (hoop ) * Hot (sexy) * Hug (knuffel) * Innocent (onschuldig) * Jolly (plezierig) * Joy (vreugde) * Keen (scherp) * Kiss * Knight (ridder) * Lass (meisje) * Lord (adellijk heer) * Love * Lover (minnaar) * Noble (nobel) * Nurse (verpleegkundige) * Parson (priester) * Petty (onbelangrijk) * Pope (paus) * Pretty (mooi) * Rich (rijk) * Sir (mijnheer) * Sleek (goed verzorgd) * Slender (slank) * Smart (slim) * Sparks (sprankelende geest ) * Squire (landjonker) * Suckling (zuigeling) * Sweet (lief/zoet) * Swift (vlug) * Toff (sjiek heerschap) * Tough (sterk) * Tutor (docent) * Viceroy (onderkoning) * Virgin (maagd) * Wisdom (wijsheid) * Witty (geestig).


Ongunstig Light                           

Ongunstig light bestaat ook. Lokt onderdrukt glimlachen uit, maar de familie kan er mee leven – het dierbare voorgeslacht vond het kennelijk niet erg. Een beetje typisch toch en bij sollicitaties e.d. ga je wel met de billen bloot. En in het dorp of stadsbuurtje kende je elkaar op bijnaam, beroep of eigenschap. Multinamen ontdekte ik hier niet - behalve de onschadelijke Hummel met 2.396 dragers en de onaangename Bot (2.068), ook een vis. Botter (1.099) is nog erger, maar zeker een vissersschip. Er is nog Kraak met 1.711,  historisch vaartuig ook mythisch zeemonster. Nouja.


Ook werd de afkeer van de namenwet van Napoleon soms ongestraft verwoord met een rare achternaam. Eeuwenlang was zo'n toevoeging overbodig, eigenwijs en verwaand. Iets voor ander soort mensen, bekakte stadsen of lui van hogere stand. Maar het kon ook een bijnaam zijn, dus onmisbaar in de dagelijkse omgang. De lat voor mijn lijst ligt hoog - klinkt het nou echt erg of is dat overdreven? Je kunt het zelf afwegen...


Aanstoot * Aasman * Achterop * Alarm * Alleman (iedereen) * Amoraal * Angst * Asbreuk * Babbel * Bagger * Bah * Bal (bekakt iemand) * Balen * Ballemans * Balneger (!) * Balnikker (!!) * Banga (sletje) * Bangert * Bar * Barrevoets * Bars * Basta (stop!) * Bastert (bastaard) * Bazelmans (kletskous) * van Bebberen (uit de mond lekken) * Bedel * Beduvel * van Beesten * Beguin (dwaas) * Bek * Bende * Bengel * Berkenpies * Bes (oud vrouwtje) * Beu (genoeg!) * Beulen * Beunen (onbevoegd klussen) * Beuzel (kletspraat) * Beven * Bilstra * Bilterijst * Bitter * Bits * Blaam * Blaas * Blaffert * Bleek * Bleuanus * Blindeman * Bloos * Bloten * Blufpand * Boedeltje * Boetekees * Boevenbrink *

Bonthond * Boos * Boosman * Borrel * Borstlap * Boterham * Boutkan * Braaksma * Brals * Breekweg * den Breker * Breuk * Brillemans * Brokken * Brommer * Bronk (pruiler) * Broos (breekbaar) * Brul * Buikema * Buikstra * Bulder * Bultje * Burgerman * Bijster * Crimi * Crisis * Daas (druk iemand) * Dievendaal * Dobbelaar * Dodeman * Dodemond * Doedel * Doetjes (sulletjes) * Dof * Dol * Dolleman * Dollevoet * Dom * Dombroek * Dommekracht (dom, log persoon) * Dommer * Domper * Dood * Doodeman * Doods * Doof * Doolhof * Dopper (werkloze in crisis 1929) * Dorregeest * Dorrepaal * Dorst *


Drektraan * Drommel (de duivel) * Dronkert * van Drogenbroek * Dubbel * Duel * Duister * Duistermaat * Dul * Dulle (maf) * Dun * Dunnebier * Duur * Duurkoop * Dwaalster * Dwaaslicht * Dwars * Dwinger * Eelzak * Ei (raar persoon) * Eiser * Eng * Engeman * Enger * Etter * Euvelman * Faken (engels voor nep) * Feutjens * Fielt * Flater * Fleer * Flemer (slijmerd) * Flutman * Foei * Fokken * de Fokkert * Folterman * Foppen * Friemel * Frik (pietluttige onderwijzer) * Foppen * Franje * Futselaar (beunhaas) * Fijnebuik *

Gal * Galgenbeld * Gammel (oud/vervallen) * Gatjens * Geniets * Gering * Geval (probleem) * Giebelen (meisjesgegiechel) * Giller * van Gisteren (sloom) * Glans (o.a. peniskop) * Goedkoop * Goor * Goorhuis * Gorenstein * Graf * Grafhorst * Grauw (gepeupel) * Grief * Griep * Griezel * Gril * Grim * Grof * Groos (verwaand) * Gruwel * Grijns * Grijp * Guit (deugniet) * Gijzelaar * Haast * Halfwerk * Hakkel (stotteraar) * Halfwerk * van Haperen * Hardebol * Heetwinkel * Hekel * Heling * Help * Herrie * Hetebrij * Hetterschijt * Hobbezak * Hoezoo * Hokken (ongehuwd samenwonen) * Holsnijders *


Honds * Hongerbron * Hongerkamp * Hoogmoed * Hoon * Hork * Horrevoets * Hottentot * van Hummel * Janken (huilen) * Jassies (smerig) * Jennen (pesten) * Jeuk * Jeuken * Jeukendrup * Joch (jongentje) * Jojo (besluiteloos) * Jokker * Jut (kop van... slachtoffer) * Kaal * Kaalzak * Kakel * Kakkenberg * Kaler * Kamper * Kattevilder * Kallen * Keet (ruzie) * Kerker * Keten (herrie schoppen) * Keuvelaar (babbelaar) * Kibbel * Kil * Kinds (dement) * Kinkel (botterik) * Kitsch (onecht) * Klacht * Kladder (mislukte kunstenaar) * Klager * Kleinmoedig * Klem (vast zitten) * Klep (babbelkous) *

Kleuter * Klever * Kliek * Klier * Kloots * Klootwijk * Klos * Kloters * van der Klucht * Klungel * Kluts * Knarren * Knieper (vrek) * Knel * Knies * Knook * Knoet (zweep) * Knook * Knots (gestoord) * Knuppel (lomperd) * Knijp (niet durven) * Knijpert (bangerd) * Koekebakker (sukkel) * Koest (bek dicht) * Kol (toverheks) * Kolder * Kolderman * Kommer (ellende) * Konkelaar (kwaadspreker) * Koopziek * Koppijn * Kortleven * Kortvriend * Kostverloren * Kot (krot) * Kouwe * Krach/Krakeel (ruzie) * Kraker (illegale bewoner) * Kramp * Kranghand (misvormd) * Krap (weinig) * Kregel * Kreuk * Kreukels * Kreunen *


Kriebel * Kriegel * Kroeg * Kroep (bronchitis) * Krom * Krombeen * Kromme * Krot * Kruimelaar (gierigaard) * Kruiper * Kruishaar * (van der) Kruk * Krukkert * Krijs * Kuiperij * Kul (onzin) * Kunne (geslacht) * Kunstman * Kwaad * Kwaaitaal * Kwabek * Kwakernaak * Kwakkel * Kwakkelaar * Kwakkestijn * Kwast (opschepper) * Kwelling * Kwetser * Kijf *

Lachniet * Laks * Lamme * Later * Lauw * Leegganger * Leegte * Lening * Lestestuiver * van Leuteren * Libertijn (vrijdenker) * Links * Lobbes (goedzak) * Loeder * Loermans * Lokker * Lommert * Loog * Lomp * Lor * Lormans * Lui * van Lummel * Lupa (prostituee) * Lurken * Luttel * Lijk * Lijkendijk * Lijmer * Lijmpot * Lijphart *

Mafia * Mager * Mak * Mal * Malcontent * Malen * Malle * Maller * Mammen (zogen) * Manie (dwangmatige gewoonte) * Manneke * ’t Mannetje * Mank * Martel * Mat * Mekken * Meelkop * Meurer * Meurkens * Meurman * Min * Minder * Modderaar * Modderman * Moe * Moederzoon * Moenen (de duivel) * Moetwil * Mof (nazi/Duitser algemeen) * Mokken *


* Moord * Mores * Morgenster (voddenraapster) * Morren * Muil * Mussert (NSB nazi WO II) * Muts (truttige vrouw) * Naaktgeboren * Nada (niets) * Nat (fout) * Nattekaas * Nee * Negerman * de Nekker * Nep * Niemand * Niemendal * Niet * Nietes * Niks * Nippel (tepel) * Nooitgedacht * Nooitmeer * Nooitrust * Nul * Nullen * Nurks (knorrig mens) * Oen (domme sul) * Ondunk * Ongena * Onrust * Ontijd * Onwezen *

Paardebek * Paffen (roken) * Palingdood * Pappot * van 't Padje * Pech * Pek * Peperzak * Pest * Pester * Pet (slecht) * Peuk (cigaret) * de Peuter * Piekhaar * Pikker * Pimpel * Pingel * Pissoort * Plas * Plasmeyer * Plasterk * Platvoet * Pleevoet * Po * van Poepele * Poets (gemene grap) * Pompies * Pover * Praats * Prakken (eten met vork fijndrukken) * Priegelaar (pietepeut) * Pril (jeugdig) * Pronker * Prul * Prus (kieskeurige eter) * Puinbroek * Puist * Puister * Pulkenman * Pus * Pijn *

Raar * Rabouw (woesteling) * Ramp * Rampen * Ranselaar * Rap * Rats (bang) * Rauw * Rimpel * Ritselaar (allesfixer) * Rochel * Roes * Roet * Rommel * Rommelaar * Rompies * Roof  * van Rotten * Rothuis * Rotsteeg * Rouw * Rouwen * Rouwhof * Rover * Ruig (ruw) * Rund * de Ruwe * Rijstenbil *


Saai * Salie * Sars (virusziekte) * Sastra * Schaars * Schade * Schamper * Schandevijl * Scheel * Scheld * Scheiuit * Scheve * Schim * Schok * Schor * Schormans * Schmierer (acteur die overdrijft) * Schuin (seksmopje) * Schraal * Schreeuwer * Schriel (gierig) * Schrik * Schrikker * Schuchter * Schuimer (parasiet) * Schuld * Schurkens * Schuwer * Siepman / Simmer (huilebalk) * Simpelaar (idioot) * Sip * Slaaf * Slabak (luihannes) * Slachter * Slap * Slaper * Slapman * Slavenburg * Slecht * Slechte *

Sleur * Slim (listig/slecht) * Slisser * Slof * Sloof (afgetobde vrouw) * Slooper * Slop * Sloop * Sloven * Sluik * Sluimer * Slijk * Slijm * Slijt * Smalbraak * Smart * Smet * Smeur * Smoes * Smijter * Snaak * Snaayer (bietser) * Snater (kwebbelaar) * Snauw * Sneujink * Snik * Snijdood * Somber * Sopjes * Speelziek * Spieker * Spigt * Spillebeen * Spook * Staar * Stank * Stikker *


Stillebroer * Stokebrand * Sloven * Stom * Stomp * Stoorvogel * Storing * Stormbroek * Stout * Straks * Stram * Striem * Stroeve * Stroman * Strooper * Strop * Struikelblok * Stuip * Stuitje * Stulp * Stumpers * Stijf * Suikerbuik * Taartmans * Tam * Tang (gemeen oud wijf ) * Teer * Teister * Teut * van Teutem * Tjakkes * Tobben * Tobber * Todde * Toeter * Tollenaar * Toorn * Traag * Treur * Treuren * Triest * Troeleman * Trumpis * Tuchter * Trul (suf vrouwmens) * Tut (benepen vrouw) * van Twist *

Uitslag * Uitenbroek * Uitvlucht * Uk * Vaal * Vaalt * in de Val * Vandaal * Vastbinder * Verdoold (verdwaald) * Verdriet * Verdwaald * Verlaat * Verlies * Verloren * Vermist * Verreet * Verstreken * Verwoest * Vethaak * Vilder * Vitten (gezochte kritiek) * Vodde * Vodden * Volgelant * Vollenbroek * Vondeling * Voortwist * Voos * Vrees * Vrek * van Vuilkoop * Waaghals * Waan (zieke fantasie)


* Waggelmans * Walg * Wammes * Warmbier * Wee * Week * Weeskind * Wegloop * Wicht (jong meisje) * Wiet * Wildeman * Wildenbeest * van Wildernis * Wipking * Woest * Woestheer * Wormgoor * Worsteling * Wrederik * de Wreede * Wurm * Wijsbek * IJdel * Zachte * Zeer * Zeldenrust * Zeldenrijk * Zeldenthuis * Zemel * Zero * Zeverboom * Ziek * Ziekman * Zielig * Zoekende * Zoetekouw * Zonderdank * Zondergeld * Zonderhuis * Zonderland * Zonderman  * Zonderthuis * Zondervan * Zot * Zotter * Zuinig * Zuurman * Zuurmond * Zwak * Zwakke * Zwakhals * Zwakman * van Zwam * Zweer * Zweet * Zwets.


Terzijde 1/ P. Nieuwland noemt Friese ‘protestnamen’, in 1811 aangemeld. Zoals Bieknijver * Bokstaart * Grimijzer * Kanenrijder * Kleinvogel * Leemkool * Lieger * Manweg * Muttscheplukker * Omloop * Pottjebier * Vlaarmuis * Vroegrijp. Machteloos ondergronds verzet tegen de tiran: de fransoos begreep onze humor toch niet.

Terzijde 2/ Uitman noemt protestnamen: Chantepie (ekster) * Olievijf * Plezier * Roosenik * Spekmijder * Spekschieter * Hier nog een paar: Grijpenduit * Kiekepoos * Makeblijde * Sladood * Zuipetuit *

Benno Baksteenlijst


Volkskrantredacteur Joris Cammelbeeck noteerde eind vorige eeuw langsgekomen combinaties van naam en functie in een naar KLM-gezagvoerder Benno Baksteen genoemde lijst:

chef Schade ANWB  Bots * coördinator Naturistenbond  Broekstra * leraar handvaardigheid Klungel * aannemersbedrijf Krot * fysiotherapeut Tour de France Masseur * voorzitter Onderwater van duikondernemers Zeeland * bridgeteamleider Pas * advocaten Rein en Sjaak Pleiter * voorlichter Praat van ministerie VWS * directeur techniek NS Ton Regtuyt * voorzitter Kaasexport Schaaf * seksshophouder Sneeboer * voorzitter Vereniging Tuincentra Struijk *


Bovendien uit eigen smakelijke waarneming namen die perfect overeenkomen met de functie of juist integendeel:

directeur Agrarisch Erfgoed Gitta van den Akker * expert sabelsprinkhaan René Krekels * perenteler Erik Appelman * wijnmaker Remy Harrewijn te Amsterdam Noord * voorheen arts Bernard Beffie voor geslachtsziekten * boomkweker Pieter van den Berk * wondverpleegkundige Mirjam Docter * hoogleraar huisartsengeneeskunde Heert Jan Dokter * gevangenisdirecteur Frans Douw * Café-Restaurant Flater * landmacht-generaal Leo Beulen * rechercheur Henk Heling * advocaten mr. Louis de Boef/mr. Julie de Rechter/mr. Daniëlle Troost/mr. Raoul Meester en mr. Manon Aalmoes (sociale sector waarschijnlijk) *

rechter te Arnhem Maartje Bijl * topkok Joop Braakhekke * slijterij en wijnhandel Brouwer * gemeenteraadslid Castricum Ralph Castricum * landbouwer Harm Boontjes * Auto Roest Occasions * binnenvaartschipper Jan van der Wal * dominee Betty Woord * gevangenisdirecteur Frans Douw * tandarts voor implantologie Auw * kinderneuroloog Sigrud Pillen * neuropsycholoog dr. Mathilde Kennis *

hoogleraar psychiatrie Nick van der Wee * diëtist Teun van de Keuken * brandbeveiligingsexpert Johan Koudijs * vogelgriepexpert prof. dr. Thijs Kuiken * Gerda, Parachutistencentrum Hilversum * consulent waterbouw Geert Drijfhout en oceanograaf Sijbren Drijfhout * dijkgraaf Herman Dijk * oliebollenbakker Jordy Bakker * ook slager Bakker * Martine en Louise Fokkens, autobiografen van Ouwe Hoeren, verhalen uit de peeskamer * zeevishandel Wilma Graat *

voorzitter Vakbond Pluimveehouders Hennie de Haan * bankdirecteur de Kluis * visafslagdirecteur Pim Visser * schipper Pieter Aris van der Vis van platviskotter Vertrouwen * Glashandel Sukkel te Hilversum * huisartsen Arts/Bloed/Dokter en Ziekenoppasser * plus erger: huisartsen E.G.M. Kerkhof, H.A.P van de Kerkhof, R.M. van de Kerkhof * ook nog oogarts dr. Frank T. Kerkhoff * emeritus hoogleraar suïcidepreventie prof. dr. Ad Kerkhof * gyneacoloog Mieke Kerkhof verzamelt aparte rouwadvertenties * er is ook gyneacoloog Evert Slager * tot slot gezondheidssecretaris Margo Kerkhof *

chirurg Ignas van den Bebber * oncoloog dr. Kees Welvaart * transporteconoom Leo Bus * directeur Netwerk Notarissen Lucienne van der Geld * duurzaam ondernemer Maurits Groen * kapsalon Ivo Kaal * jeneverkenner Rob van Klaarwater * theoloog Antoon ten Klooster * opticien Scheel * hoogleraar koloniale geschiedenis Gert Oostindie * Wim de Leeuw van dierenwelzijn * de heer Rijk Zeldenrijk * woordvoerder Kick Out Zwarte Piet Naomi Pieter *

euthanasie-expert Koos van Wees * kwaliteitsslager Marc Broodbakker * kamerheer des konings jonkheer Jan Jaap de Graaff * Nico Naaktgeboren van Gyneacologie LUMC * hoogleraar gezonde leefstijl Emily de Vet * vogelgriepexpert Thijs Kuiken * Ntuinman Jan Graafland * Gooise uitvaartverzorgers van Pijpen, Smorenburg en van Vuure (allen ook voor crematies) en Evert Treur * Patricia van Engelen van Uitvaartstichting Hilversum * Linda Nooitmeer van Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden *

Naomie Pieter van Kick Out Zwarte Piet * Hennie de Haan, Pluimveehouders Nederland * pornofilmregisseur Erica Lust * procureur-generaal Han Moraal * Linda Nooitmeer, Nationaal Nederlands Instituut van Slavernijverleden en Erfenis * Betuwse bloemenschilderes Hilda Blom * complotdenkers Joost Knevel en Wouter Raatgever * docent Hogeschool Utrecht Nicolina Montessori * kloostereigenaar Camiel Engelen * quiltkunstenares Betty van der Schaar *

Han Moraal, Raad van Strafrechttoepassing * Fred Lam, Nederlandse Vereniging Anesthesiemedewerkers * uitbater hotel-restaurant De Rozeboom Marten Castelein * wasserij voorheen Smeerdijk te 's-Graveland * relatietherapeut Vera Steenhart * woordvoerder Rijkswaterstaat Manon van den Oever * groente en fruithandelaar J.H. Pruim * NS-reisinformateur Arjan Spoormans * glastuinbouwer Nico van Ruiten * directeur Charlotte de Schepper, Organisatie van Verloskundigen * Jan Slippens, gladheidbestrijder * stedebouwkundige Van der Stad * taaladviseur NOS Peter Taal * scheepstimmerman Harmen Timmerman *

hoogleraar Consumptie en Gezonde Leefstijl Emely de Vet * Harry Troost, Daklozenopvang Utrecht * slagerij van Vark in Almkerk * slachterijdirecteur Henk Worst * sloopbedrijf Kwakkel in Kampen * strandvonder Willem de Rover * transportondernemer Jan Snel * Raymond van der Storm, Rondvaartboten Amsterdam * minister van Defensie (1973) Henk Vredeling * tandartsen Auw en van der Gat * timmerman Spijker in Heemskerk * Fred Wegman, Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid *

expert sabelsprinkhanen René Krekels * schoonmaakhulp Sabrina Helderman * verkoopmanager Ingmar Contant * vishandelaar Henk Vis * vogelaar Nico de Haan * voorzitter Autoriteit Consument en Markt Martijn Snoep (kannie ook niet helpen) * voorzitter Verloskundigen Vereniging Charlotte de Schepper * hoogleraar gewasfysiologie Paul Struik * waterexpert Roelof Stuurman * consultant openbare orde en veiligheid Damian Stokebrand * wethouder gemeente Wassenaar Kees Wassenaar * windturbinebestrijder Jan van der Winden * wijkagent Marcel Schaap * en ooit dominee Zemel * plus natuurlijk tv-weervrouw Diana Woei.

NB: zie ook online Stroomopwaarts/namenverzameling. Leuke hobbysite.

Interessante bestaande combinaties zijn heel welkom op  hupkesg@xs4all.nl


Bargoens en straattaal

Dieventaal en onderlinge geheimtaal uit begin 20ste eeuw, ontwikkeld in de zelfkant van de grootstedelijke samenleving. Door bedelaars, daklozen, gokkers, messenslijpers, kermisklanten, ketellappers, landlopers, marskramers, pooiers, vagebonden, voddenrapers, woonwagenbewoners, zakkenrollers, zigeuners. En natuurlijk de penoze van professionele inbrekers, bendes zware drugscriminelen, kortom de maffia. Vaak over bedelen, bedriegen, alcoholica, eten, geld, politie, prostitutie, seks en stelen.

Veel woorden verbasterd uit het jiddisch. Soms werd bargoens opgenomen in de volkstaal: als taal leeft is het wel op straat. Toch zijn er versleutelingen die, behalve aan gespecialiseerde taalkundigen, alleen insiders bekend is.


Is bargoens nog in gebruik of steeds meer deel van de volkstaal? Nieuwe straattermen zoals de meisje, doekoe (geld), draris (vrienden), fatoe (grap), kaas (witte Nederlander), mattie (vriend), wappie (gekkie), woke (wakker) burgeren waarschijnlijk in. Maar familienamen zijn het niet. Oudere termen als Kachel, Kappen, Peren, Pleur, Teut en Toeter nam ik op, want ook familienaam. Levende taal hou ik echt niet bij, op mijn leeftijd...


Onze lijst, met vertaling in ABN. Geen woordenlijstje: wel dus allemaal achternamen!

Arres (angst) * de Baan (straatprostitutie) * Baanders (benen) * Bagger (waardeloos) * Bak, Nor (gevangenis) * Bakkes (gezicht) * Balen (je ergeren) * Balkon (weelderige boezem) * Beer (poep/rekening) * Bekaan (gearresteerd) * Beuk, Kluit, Stoot, Straal (veel) * Beris, Eikel, Kloot, Stik, Takke, Zak (scheldwoorden) * Beuken (slaan) * Bever (koorts) * Biek (fijn) * Bikker, Pal, Pooier, Soeter (souteneur) * Blaffer (pistool) * Blanus, Poen (opschepper) * Blauw (getinte huid) *

Blauw, Kachel, Keil, Lam, Lazarus, Sik, Sikker, Straal, Teut, Toeter, Vet (dronken) * Blauwen (zuipen) * Blik, Moos, Oortjes, Pegel, Platen, Poen, Zaad (geld) * Blikker (zon) * Blits (de patser uithangen) * Blut, Kaps (platzak) * Boek (portefeuille) * Boender (onfris persoon) * Boet (stoere homo) * Bonk (stevige kerel) * Bout, Diender, Flik, Kit, Smous, Tuut, Wout (politie) * Bozer (vlees) * Bouten, Dirken (poepen) * Brak, Lens (lamlendig) *

Brem, Knots (gek) * Stapel, Brief, Prent (bankbiljet) * Bruin, Goudvink, Goudvis, Vet (rijk) * Calf (christen) * Dekken (op uitkijk staan) * Dille (kletskous) * Dissen, Jennen (sarren) * Dokken, Schokken (betalen ) * Dollen, Fokken (voor de gek houden) * Douw (straf) * Drommel (stakker) * Dulle (kordaat wijf) * Dijk (manlijke lesbo) * Emmer (fijn/lekker) * Emmeren (drammen) * Emmes (uitstekend) * Fleuren (lijmen, overhalen) *


Fiat (vertrouwd) * Fikken (vingers/verbranden) * Fluit, Frederik, Gerrit, Pook, Rammelaar, Roe, Sieber, Slinger, Vermaak, Vogel, Zwager, Bello (penis) * Fok (bril) * Frak, Vel (jas) * Foks, Geel (goud) * Gabbert (makker) * Gak (neus) * Gammel (oud/versleten) * Gammer (domkop) * Gasser (spek) * Geil (hitsig/goed) * Bink, Boger, Gast, Knar, Kwant, Meier, Peer, Pik, Snaak, Vogel, Vent, Vrijer, Wipper (kerel) * Gieren (slaan) * Godin (eerlijk) * Gondel (dame) * Griet (meisje) * Groos (verwaand) *

Guit (deugniet) * Hebbes, Tuk (beet hebben) * Heet (geil/gevaarlijk) * Hengst, Peut (klap) * Hens (brand) * Herres (kapot) * Hillig, Sof (pech) * Hommeles, Lampe, Mot (ruzie) * Hossele (op straat drugs dealen) * Jas (condoom/strop) * Jat (hand) * Jid, Smous (jood) * Joppe, Vet (fijn/goed) * Kaffer, Kever (boer/provinciaal) * Kak (verwaand/poep) * Kalle, Kech (arabisch), Tor (hoer) * Kanen, Nassen, Prakken (eten) * Kanes, Taas (hoofd) * Kappen (stoppen) * Kast (bordeel/studentenkamer) * Kat (buit) * Kat, Katje (berisping) * Kater (onwel na dronkenschap) *

Kief (wiet) * Kien (sleutel/slim) * Kiepen (geld verdelen) * Kits, Snor (in orde) * Klos (dupe) * Kloft, Kluft (kleding) * Kloot (testikel) * Kluit, Pegel, Pop, Splint (geld) * Knol (paard) * Knorren (slapen) * Knul (jongen) * Knuppel (lomperd) * Knijf (mes) * Knijp (bang/kroeg) * Koter (kind) * Kraak (inbraak) * Kruidenier, Kruk (prutser) * Kruif (opscheppen) * Lap (oor) * Lappen (samen betalen) * Leep (sluw)


Mansen (geld ophalen) * Leip (gek/gevaarlijk/mal) * Link (slim/gevaarlijk) * Loen (bedrieglijk) * Loenen (verraden) * Loer (botterik/gemene truck/list) * Loges (achterwerk) * Lol (pret) * Lor, Oen (sukkel) * Los (uitverkocht) * Lou, Louw (niet/weinig) * Luiken (geld verdelen) * Macher (koopman) * Maf, Knots, Stapel (gek) * Makkes (problemen) * Makkie (leuk klusje) * Majem (water) * Matsen (bevoordelen/knoeien) * Matser (knoeier) * Matten (vechten) * Meppen (slaan/beetnemen) *

Merode (doodarm) * Mieg (urine) * Mies (lelijk/niet-lekker) * Mik (brood) * Mikmak (ruzie) * Mokke (vies wijf) * Mokum (stad, groot Mokum = Amsterdam) * Mol (infiltrant) * Mollen (doden/stuk maken) * Moos, Mos (vrouw) * Mossel, Poes, Pruim, Scheur, Spleet, Vermaak, Vijg, Emmer (vagina) * Naatje, Takke (waardeloos) * Nakken (slaan, neuken, verlinken, drinken, dissen) * Neet (meid/vent) * Nep, Loer (bedrog) * Neut (borreltje) * Nicht, Poot (homo) * Nies, Niese (vrouw, liefje) * Nop (nee) * 

Paf (geschrokken) * Paffen (roken) * Pages (vrees) * Palmer (soldaat) * Peren (wegrennen) * Peuk (cigaret) * Pieren (dobbelen/gokken) * Pikeur (vrouwenjager) * Plat, Streep (omgekochte ambtenaar) * Pleite (failliet/er van door gaan) * Pleur (koffie) * Plomp (log lichaam/ buitenwater) * Poen (opschepper) * Poet (buit) *


Pot (lesbo) * Poter (kwijt) * Rams (uitverkoop) * Rats (bang) * Raap (gezicht/lijf) * Rippen, Jatten, Klouwen, Nakken (stelen) * Rug (bankbiljet 1000 gulden) * Rus, Stille, Wees (rechercheur) * Rut (blut) * Schaken (betrappen) * Scheffer (gevangene) * Scherp (alert) * Schimmel (gelukje/echtgenoot) * Schuier (zakkenroller) * Schuin (seksgrapje) * Schuit (schoen) * Schutten (gevangen nemen) * Sief (sifylis) * Sjaak (dupe) * Sjakes (koest) *

Smeer (uitkijk) * Smoes (leugentje) * Snaar (bijvrouw) * Sneeuw, Witsel (cocaïne) * Snoeren, Beuken, Flenzen, Fukken, Fikken, Kienen, Krikken, Palen, Pompen, Punt (zetten), Raggen, Veeg (geven), Wip (maken) = neuken * Sof (mislukt) * Spekken (royaal schenken) * Sperwer (paraplu) * Spits, Kek (pienter) * Stoter (afzetter) * Straal (bezopen) * Strop (vette pech) * Stuk, Bout, Brok, Kanjer, Moot, Spetter, Stoot (lekker wijf) *

Suiker (cocaïne) * Sijs, Piet (vogel) * Taas, Taats (hoofd) * Takke (waardeloos) * Tater (mond) * Tof (betrouwbaar) * Tokkie (asociaal gezin in tv-serie, aangevochten door andere familietak) * Trein (stoere vrouw) * Trippen (high door drugs) * Trom (dievenkroeg) * Trutmans (lulletje) * Turf (gestolen goed) * Venter (straatverkoper) * Vink (portemonnee) * Wies (verdwenen) * Zand, Zoet (suiker) * Zeper (tegenvaller) * Zuur (betrapt/jammer) * Zwerver (dakloze) * Zwijnen (boffen).


Logisch, als je cocaïne suiker noemt, wordt suiker een ander woord. Sorry, maar voor drank, politie, geld, lichaamsdelen, misdaad, rijkdom, manspersonen, seks en vrouwen bestaat bargoens en straattaal plus familienamen.

NB: zie ook /Amoureus.